SUBSIDIE VOOR VIER DUURZAAMHEIDSPROJECTEN

Schaapskudde in Liempdse bermen

© 2010- Brabants Centrum

OP DE FOTO: Natuurmonumenten zet al lang schaapskuddes in voor bermonderhoud. Brabants Centrum ging in augustus 2001 een dagje op pad met een herder in Oisterwijk. Zijn verhaal is na te lezen op de website van deze krant. (Archieffoto Piet van Oers).

DOOR HENK VAN WEERT

Akkers inzaaien met haver en rogge en de randen ervan met bloemrijk zaaigoed. Kleine boomgaarden met hoogstamfruit bevorderen. Een wandelroute door en over akkers met een voetveer over de Kleine Aa in de buurtschap Luissel. Een schaapskudde die in de bermen in het buitengebied van Liempde gaat grazen. Voor deze vier duurzame projecten krijgt de gemeente Boxtel 136.500 euro van de provincie.

Wethouder Peter van de Wiel benadrukt het nog maar eens. De gemeente Boxtel loopt voorop als het gaat om duurzaamheid. Daar getuigt in zijn ogen ook de toekenning van de subsidie door het provinciebestuur van: ,,Het zijn vier projecten die passen in onze strategische visie en toerisme en recreatie bevorderen.” De provinciale ondersteuning komt voort uit het Stimuleringskader Groen-Blauwe Diensten en sluit aan bij de proeftuin die nationaal landschap Het Groene Woud, vult ambtenaar Henk Heling aan die invulling geeft aan de projecten .

De subsidie dekt alle kosten die de gemeente Boxtel denkt te moeten maken om de vier projecten te realiseren. Daarvoor wordt samengewerkt met de beide natuurwerkgroepen in Boxtel en Liempde, maar ook met onder meer heemkundeverenigingen, bijenhouders, wildbeheerders, Waterschap De Dommel, Brabants Landschap en particuliere grondeigenaren.

SINT-JANSROGGE
De kleine boerenakkertjes van vroeger hebben door schaalvergroting in de agrarische sector de voorbije decennia plaats gemaakte voor eentonige, grote velden vol maïs en aardappelen. Dat heeft ook invloed gehad op het leefmilieu van vogels, insecten en kleine zoogdieren. Door oude gewassen als Sint-Jansrogge, eenkorn en emmer te zaaien te gaan telen, hoopt wethouder Van de Wiel dat de het buitengebied recreatief aantrekkelijker wordt; niet alleen voor vogels en insecten, maar ook voor toeristen. ,,Het landschap moet meer beleefbaar worden”, stelt Van de Wiel. Hij ziet mogelijkheden om ook op traditionele wijze te oogsten. ,,Mogelijk dat daarbij aansluiting is te vinden met bijvoorbeeld de Liempdse Boeremèrt.”

Een tweede project behelst het terugbrengen van kleinschalig boomgaarden met hoogstamfruit op boerenerven. Naast een inventarisatie van nog bestaande bongerds, worden cursussen gegeven hoe oude fruitsoorten gekweekt en onderhouden kunnen worden, vertelt ambtenaar Heling die belast is met de uitvoering van de plattelandsvernieuwing.

OMMETJE KLEINE AA
In de gemeente Boxtel bestaan al diverse ’ommetjes’, wandelroutes over het boerenland. In de buurtschap Luissel moet er ook een komen. Het waterschap heeft vorige week een informatieavond gehouden over de hermeandering van de Kleine Aa ten noorden van de spoorlijn Boxtel-Oisterwijk, een project dat aansluit bij het eerdere herstel van de zuidelijke beekloop. ,,Vorige week is overeenstemming bereikt met familie Van der Meijden aan de Kapelweg. Ook zij stelt haar gronden beschikbaar voor wandelaars, zodat ook boerderijwinkel De Gevulde Knapzak kan worden aangedaan”, aldus de wethouder.

Het wandelroute door Luissel moet gaan aansluiten bij de Ommetjes Ruiting en Esch. In de Kleine Aa wordt daarvoor mogelijk een voetveer geplaatst, maar misschien wordt ook wel gekozen voor een voetgangersbrugje.

In plaats van bermen machinaal te maaien, laat een herder de komende twee jaar een kudde van de Schaapskooi Schijndel grazen langs de dreven in het buitengebied. ,,Het Kempisch heideschaap, dat hier van oudsher veel voorkwam, keert daarmee terug in het landschap. De dieren zorgen onder meer voor verspreiding van zaden in hun vacht en hoeven en overnachten in een tijdelijke schaapskooi. Toeristen kunnen via speciale arrangementen meelopen met de herder”, vertelt Henk Heling.

De vier projecten gaan dit jaar nog van start. Het akkerproject heeft een looptijd van vier jaar; de overige duren twee jaar.




10 juni 2010

Print deze pagina

Terug