LÉONTINE VAN DER HEIJDEN GETUIGE AARDBEVING JAVA

’Niemand durft binnenshuis te slapen’

© 2005 - Brabants Centrum

OP DE FOTO: Een moeder draagt haar kind door de verwoeste straten van Bantul nabij Yogyakarta. De foto is twee dagen na de aardbeving gemaakt door Jewel Samad (AFP). (Foto: ANP).

,,Deur open en kinderen naar buiten! Dat was mijn eerste reactie toen het huis begon te schudden. De aardbeving duurde maar een minuut maar het leek een eeuwigheid. Ons huis heeft de beving doorstaan, maar veel andere woningen in de kampong zijn kapot. De ravage is verschrikkelijk.” Léontine van der Heijden uit Boxtel woont en werkt sedert 1993 in Yogyakarta. Met haar echtgenoot Udin en haar kinderen Alek (6) en Mik (3) was ze getuige van een natuurramp die op het dichtbevolkte Java meer dan tienduizend slachtoffers heeft geëist. Van der Heijden is direct begonnen met een hulpactie voor slachtoffers van de aardbeving.

,,Een huis behoort een veilige plek te zijn, een plek waar je je thuis en geborgen voelt. Maar opeens is het huis een enge plek geworden.” Van der Heijden verkeert enkele dagen na de verwoestende aardbeving op Java nog altijd in een ’shock’. Alleen als het echt nodig is gaat ze haar woning even binnen, om wat speelgoed voor de kinderen te zoeken of water te halen. ,,Hoewel de naschokken steeds minder frequent voelbaar zijn, blijft het spannend.”

Het huis waar de Boxtelse woont met haar gezin heeft de aardbeving wonderwel doorstaan. Natuurlijk, meubilair en inventaris zijn beschadigd; kasten vlogen tijdens de beving door de kamer. Maar van een grote verwoesting is geen sprake. ,,Ons huis is gebouwd naar westerse maatstaven, we hebben cement en ijzer gebruikt. De meeste huizen bestaan echter alleen maar uit vier muurtjes en een dak. En die zijn allemaal ingestort.” Volgens Van der Heijden, die met haar echtgenoot ambachtelijk vervaardigde voorwerpen naar Nederland exporteert, zijn enkele medewerkers van hun bedrijf ook getroffen. ,,Enkele huizen zijn verwoest of staan op instorten. Gelukkig heeft niemand letsel opgelopen.”

TSUNAMI
De herinneringen aan de aardbeving glijden nog regelmatig als een film voorbij. ,,Ik lag nog wat te luieren in bed toen het huis begon te schudden”, vertelt de Boxtelse. ,,Instinctief ben ik meteen gillend naar de kinderkamers gerend en heb Alek en Mik wakker gemaakt. Gek eigenlijk dat ze gewoon doorsliepen. Daarna heb ik meteen de voordeur opengegooid en zijn we naar de straat gerend.”

Haar man was op dat moment al aan het werk. ,,Udin kwam korte tijd later in paniek aanrennen. Het gerucht deed de ronde dat er door de aardbeving een grote vloedgolf op ons afkwam. We zijn in de auto gestapt, hebben zoveel mogelijk mensen meegenomen en zijn naar een berg in de buurt gereden.” De vrees voor een tsunami bleek onnodig, maar pas toen autoriteiten meldden dat de kust veilig was, werd de terugreis aanvaard.

Terug in de kampong bleken de verwoestingen mee te vallen. ,,Zeker als je kijkt naar andere plekken rond Yogyakarta, zoals de regio Bantul. Daar zijn de meeste slachtoffers gevallen. Bij ons zijn enkel een paar huizen ingezakt”, vertelt Van der Heijden. Maar de Boxtelse stelt dat alle inwoners angstig en op hun hoede zijn. ,,Niemand durft nog binnenshuis te slapen. Wij slapen al een paar nachten in een kampeertentje dat ik toevallig ooit uit Nederland heb meegenomen. Ook andere kinderen uit de buurt slapen in die tent omdat het ’s nachts regent. De volwassenen slapen eromheen, onder plastic.”

,,Ik denk dat we nog één nachtje in de tent slapen”, vervolgt Van der Heijden. ,,Dinsdag willen we weer in huis gaan slapen. De kans op grote naschokken is geweken en deskundigen verwachten niet dat er nog meer bevingen komen. Voor de kinderen moet het huis weer een veilige plek worden.”

HULPACTIE
Intussen is de hulpverlening aan de slachtoffers op gang gekomen. In Yogyakarta is dat volgens de Boxtelse merkbaar aan de grote drukte op straat. ,,Hulpverleners zijn massaal op weg naar de getroffen gebieden. Brommertjes rijden af en aan met voedsel. Maar ook ramptoeristen proberen een glimp van de ellende op te vangen. Om die reden heeft Udin al naar de radio gebeld om mensen op te roepen om weg te blijven.” Van der Heijden legt uit dat vooral communicatie via radiostations belangrijk is. ,,Via de radio worden mensen op de hoogte gehouden van de problemen die in de diverse gebieden spelen.”

In de kampong waar de Boxtelse woont zijn de eerste kleinschalige hulpacties al kort na de aardbeving op gang gekomen. Zo wordt kant en klaar voedsel bereid en uitgedeeld aan slachtoffers. ,,Met de auto of de brommer wordt het eten uitgedeeld aan mensen die het echt nodig hebben.” Daarnaast heeft ze een hulpactie op touw gezet, die moet leiden tot de aanschaf van tentdoeken, afdakjes, matrasjes en speelgoed. Op langere termijn wil Van der Heijden bijdragen aan de wederopbouw van verwoeste huizen. ,,Het is een lokale actie die vooral gericht is op slachtoffers van de aardbeving die in de afgelegen dorpjes wonen waar de hulpverleners niet zo snel kunnen komen.”

De economische schade van de aardbeving lijkt de Boxtelse minder te deren. Toch zal haar bedrijf ook te maken krijgen met de nasleep omdat opslagplaatsen voor handgemaakte spullen vernield zijn. Een dorp waar ze keramische voorwerpen bestelde, ligt in puin. ,,Het is te hopen dat leveranciers in Nederland iets meer geduld hebben”, verzucht Van der Heijden. ,,Ik klamp me vast aan de levenshouding van veel Indonesiërs. Dat zijn mensen die ondanks alles niet snel bij de pakken neerzitten en altijd kiezen voor een positieve benadering.”

Léontine van der Heijden heeft een bankrekening geopend waarop mensen donaties kunnen storten voor haar lokale hulpacties in Yogyakarta. Het rekeningnummer luidt 3916.44.823 ten name van L. van der Heijden, Boxtel.




1 juni 2006

Print deze pagina

Terug