LIEMPDENAAR PETER HAGENBEEK WORDT PRIESTER

’Dit is de juiste plek voor me’

© 2005 - Brabants Centrum

OP DE FOTO: Liempdenaar Peter Hagenbeek, die 10 juni tot priester wordt gewijd, poseert bij het beeld van de heilige Jozef en het kindje Jezus, dat staat in de tuin van zijn ouderlijk huis.

Zaterdag 10 juni is voor Liempdenaar Peter Hagenbeek een belangrijke dag. Hij wordt dan tot priester gewijd in de Sint-Jansbasiliek te ’s-Hertogenbosch. Zondag 11 juni is hij voor het eerst voorganger tijdens de mis van 10.00 uur in de kerk waar hij jarenlang misdienaar en acoliet was: de Boxtelse Sint-Petrus.

Hagenbeek kijkt erg uit naar zijn priesterwijding. ,,Ik heb er echt zin in. Ik leef er al jaren naar toe.” Hij had ook al vorig jaar tot priester gewijd kunnen worden, maar daar koos hij opzettelijk niet voor. Hagenbeek vond het priesterschap in 2005 namelijk iets te snel komen. ,,Na vijf jaar studie ben je misschien wel in je hoofd klaar voor het priesterschap, maar in je hart moet je er ook klaar voor zijn. En als je ergens onrustig van wordt of zenuwachtig, dan is dat niet goed. Ik wilde er rustig naartoe leven, zodat ik zeker weet dat dit is wat ik wil. Dat is beter dan gehaast priester worden en achteraf te denken: ’Had ik nog maar een jaartje gewacht’. Nu ben ik er écht aan toe.”

Daarom heeft Hagenbeek destijds aan de bisschop gevraagd of hij een jaar langer stage mocht lopen in de parochie van Loon op Zand. Dat mocht. In dat extra jaar heeft de Liempdenaar een studie tot docent middelbaar onderwijs gevolgd. ,,Omdat ik straks, als ik priester ben, vooral met tieners wil werken. Daarbij kan het lesgeven goed van pas komen. Ik heb er aan gedacht eventueel als priester in een school te gaan werken, maar het valt nog even te bezien of dat gaat lukken en of ik dat nog steeds wil, want ik heb gemerkt dat je in de parochie ook goed werk kunt doen met catechese.”

Daarnaast heeft Hagenbeek kleine taken in de parochie gedaan. ,,Daarbij moet je denken aan het voorbereiden van communie- en vormselmissen, Kerstmis en de peuter- en kleutervieringen. En uiteraard heb ik huisbezoeken, ziekenzalvingen en vergaderingen bijgewoond. In november 2005 ben ik tot diaken gewijd en heb ik me gestort op de doopvoorbereiding en geleerd hoe je een gezinsviering opzet.”

SCHARRELTJE
De passie van Hagenbeek voor het priesterschap is vroeg begonnen. ,,Mijn moeder heeft mijn zus en mij al vroeg mee naar de kerk genomen, sinds we konden lopen”, vertelt de in Boxtel opgegroeide Liempdenaar. ,,En ik vond alles wat er gebeurde in de kerk en de uiterlijkheden zoals het kazuifel van de priester en de kelk erg indrukwekkend. Toen ik acht jaar was vertelde ik mijn moeder dat ik later ook priester wilde worden. Toen had ik net mijn communie gedaan.”

Zijn beeld van het priester zijn was destijds echter nogal vertekend. ,,Ik dacht dat het werk bestond uit het doen van de mis ’s ochtends en op de koffie gaan bij mensen. Nou, dat sprak me wel aan, haha.” Gaandeweg kwam de Liempdenaar er achter dat het priesterschap nog veel meer inhield dan alleen dat. ,,Ik heb goed bekeken of dit hetgeen is wat ik wil. Er zitten haken en ogen aan het werk, maar het verlangen om priester te worden is bij mij nooit voorbij gegaan.”

Als kind heeft hij met zijn zus ook regelmatig ’priestertje gespeeld’. Glimlachend: ,,Dan deden we het uitreiken van de communie na. Dan pakte ik een oude beker van mijn vader uit de kast die hij had gewonnen met een badmintontoernooi en die moest dan fungeren als kelk. Daar deden we vervolgens papiertjes in en dan moest mijn zusje naar voren komen en reikte ik haar de hostie uit. Toen ik jaren later acoliet was in de Boxtelse Sint-Petruskerk en echt de communie mocht uitreiken, voelde ik een klein knipoogje vanuit de hemel waarmee God me zei dat dit een goede plek voor me was.”

Zijn focus op het priesterschap heeft de Liempdenaar altijd behouden, ook toen er andere verleidingen op de loer lagen. ,,Natuurlijk word je ouder en lopen er leuke meisjes op de wereld rond”, geeft Hagenbeek toe. ,,Ik heb hier en daar ook vriendinnetjes gehad. En dan merk je dat er dus twee verlangens zijn in je hart. Aan de ene kant het priester worden en aan de andere kant het verlangen naar een vrouw. Dan moet je dus uitzoeken welk verlangen God van me wil. Welk verlangen legt Hij in mijn hart.”

Lachend: ,, Ik heb gemerkt dat ik meisjes altijd wel leuk zal blijven vinden. Als je gewijd wordt, wordt dat niet weggewijd. Dat gaat dus niet over, maar God heeft tegen mij gezegd dat hij graag wil dat ik priester word. En dat verlangen om priester te worden is, ondanks leuke meisjes, nooit voorbij gegaan. Ik heb weliswaar hier en daar een scharreltje gehad, maar er is er niet één bij geweest die mijn hart zo blij heeft kunnen maken en me zoveel vreugde heeft gegeven als het zijn bij God en in de kerk.”

AANSPREEKBAAR
In welke parochie Hagenbeek na zijn priesterwijding gaat werken weet hij nog niet. ,,In principe kan ik overal benoemd worden in het bisdom ’s-Hertogenbosch; dat reikt van Tilburg tot Nijmegen.” Omdat de Liempdenaar geen ervaring heeft met het werken in stadsparochies - de stages die hij liep waren altijd in dorpen - lijkt het hem wel iets om priester te worden in een stad. ,,Ik vind het namelijk belangrijk om bij de mensen te zijn, om aanspreekbaar te zijn. In een stad zijn mensen anoniemer en komen ze makkelijker bij je binnenlopen om te zeggen wat ze op hun hart hebben dan in een dorp. In een dorp gaat het gesprek vaak over elkáár. Het doel van mijn pastoraat is om mensen bij Gód te brengen. De rust die ze zoeken, vind je bij God.”

Hagenbeek voldoet met zijn jonge leeftijd niet aan het stereotype beeld van een priester, maar dat vindt hij niet erg. ,,Ik heb het nog niet echt ervaren als een nadeel. Soms voel ik mezelf wel een beetje ongemakkelijk wanneer ik bij mensen kom die wat ouder zijn en van huis uit hebben meegekregen dat zij moeten opstaan als de kapelaan binnenkomt. Dat was voor mij erg wennen in het begin. Maar bij jongeren en tieners kan ik me makkelijk verplaatsen in hun leefwereld omdat dat voor mijzelf niet zo lang geleden is. En zij kunnen zich denk ik makkelijker identificeren met een jonge priester als met een oude. Misschien dat ze daardoor ook sneller iets van mij zullen aannemen.”




24 mei 2006

Print deze pagina

Terug