VEEL BELANGSTELLING VOOR WEEK VAN DE POËZIE

Literaire fijnproevers smullen
van Vroomkoning

© 2005 - Brabants Centrum

OP DE FOTO: Dichter Victor Vroomkoning draagt voor uit een van zijn vele dichtbundels tijdens het interview dat donderdag 27 april plaatsvond in de Boxtelse bibliotheek in het kader van de Week van de Poëzie. Links luistert journaliste Ineke Platel geïnteresseerd toe.

Boxtel heeft meer poëzieliefhebbers dan gedacht. Dat bleek donderdag 27 april, toen de Boxtelse dichter Victor Vroomkoning (pseudoniem voor Walter van de Laar) in de openbare bibliotheek Boxtel geïnterviewd werd door journaliste Ineke Platel. Achttien stoelen had de organisatie klaargezet, maar uiteindelijk toonden ruim veertig mensen belangstelling.

,,Dit interview wordt hier gehouden in het kader van de Week van de Poëzie”, vertelt Marlies Mertens van de bibliotheek. ,,Dat evenement wordt dit jaar voor de tweede keer gehouden in Nederland. In Brabant doen er twee plaatsen aan de Week van de Poëzie mee. Tilburg en Boxtel”, zegt ze niet zonder trots.

In het interview van Platel komen het leven van Vroomkoning, zijn passie, talent, het vakmanschap en zijn geboortedorp Boxtel aan de orde. Bij ieder onderwerp dat Platel aansnijdt leest Vroomkoning een gedicht dat daarbij hoort, zodat het geheel in een breder perspectief wordt geplaatst. ,,Hier zitten allemaal literaire fijnproevers in het publiek. Mensen die de schoonheid van poëzie kennen of willen leren kennen. Poëzie is slechts weggelegd voor een kleine groep mensen, niet voor een breed publiek. Poëzie vraagt namelijk tijd, aandacht en een bepaalde mate van ’proeven’.” Daarom doet het haar deugd dat er veel mensen op deze avond is afgekomen.

Het eerste onderwerp dat Platel aan de orde stelt is waarom Van de Laar een pseudoniem gebruikt als dichter. ,,Dat heeft te maken met mijn middelbare schooltijd in Eindhoven”, herinnert Van de Laar zich glimlachend. ,,Destijds schreef ik scheldgedichten tegen docenten die ik niet mocht. Zij mochten natuurlijk niet weten dat ik die maakte. Zodoende gebruikte ik een pseudoniem.” Hoe Van de Laar dichter is geworden kan hij niet precies uitleggen. ,,Ik heb vroeger wel veel werk van Martinus Nijhoff gelezen”, vertelt hij. ,,En tijdens mijn treinreizen las en schreef ik veel. Daarnaast schreef de broer van mijn vader ook gedichten, dus misschien zat het in de familie. Maar ik heb het idee dat je tot iets ’geroepen’ wordt in je leven.”

Na zijn middelbare schooltijd heeft Vroomkoning Nederlands gestudeerd. Het antwoord op de vraag of hij die studie nodig had voor het maken van gedichten leidt tot hilariteit onder het publiek. ,,Gelukkig niet! Naar mijn mening zijn veel te veel Neerlandici gedichten gaan schrijven. Maar het kunstenaar-zijn leer je niet door een studie Nederlands. Dichten leer je pas als je als dichter aan het werk bent.” Ook zijn studie filosofie heeft hem niet beïnvloed, bezweert de Boxtelse dichter. ,,Filosofie heeft te maken met gestructureerde proza. Dat gedachtegoed staat lijnrecht tegenover het dichten. Tijdens mijn studie filosofie werd ik te beschouwelijk in mijn gedichten. Dat moet niet te veel, want dat staat de spontaniteit in de weg.”

Vroomkonings gedichten verschillen veel van vorm, beeld, techniek en stijl, is Platel opgevallen. Toch gaat daar nooit een bewuste keuze aan vooraf, vertelt Vroomkoning. ,,Je begint met één regel. Die komt in me op, of die hoor of lees ik ergens. Die schrijf ik vervolgens op en daar komt vervolgens vanzelf een regel bij. En daarna weer één en weer één... Het gedicht maakt eigenlijk zichzelf.” Hij beschouwt het maken van een gedicht als een blok marmer, waar een beeldhouwer een beeld in ziet. ,,De vorm komt dan vanzelf. Dat is vakmanschap.”

LIPPENDIENST
Uiteraard stelt Platel tijdens het interview ook Vroomkonings veelbesproken bundel ’Lippendienst’ aan de orde. ,,Een boek vol erotische verzen op het randje van pornografie”, weet Vroomkoning. ,,Ik schreef die bundel vanuit een vrouwelijk ik, onder de naam Stella Napels.” ,,Wat bezielde je toen je die bundel schreef?”, wil Platel weten. ,,Ik wilde een bundel maken, die in Nederland nog niet eerder geproduceerd was”, legt de oud-Boxtelaar uit. ,,De pers was in eerste instantie heel positief over dat boek, tot bekend was dat ík achter de naam Stella Napels schuil ging. Toen sloegen de reacties om en werd ik neergesabeld. Daarmee acht ik bewezen dat je van de buitenwereld als dichter geen tweede ik mag aannemen.” Iets waar hij zich danig over opwindt. ,,Ik vind dat nonsens.”

Uiteraard komt ook Boxtel aan de orde. ’Een klein, lelijk dorp’, heeft Vroomkoning zijn geboorteplaats al eens betiteld, maar dat herhaalt hij niet in de bibliotheek. ,,Ik heb namelijk van anderen gehoord hoe mooi het hier is. Daardoor kijk ik er nu anders tegenaan. Maar ik blijf Boxtel wel klein vinden.” Met het gedicht ’Stapelen’ neemt de Boxtelaar het publiek mee naar zijn verleden in de nabijheid van het kasteel. De mensen luisteren aandachtig, sommigen zelf met de ogen dicht, om optimaal te kunnen genieten van zijn dichtkunst...

Ankie Luijcx nipt na afloop van het interview tevreden aan een drankje. Ze is speciaal vanuit ’s-Hertogenbosch naar Boxtel gereisd om deze avond in de bibliotheek bij te wonen. ,,Ik las in Brabants Centrum dat dit interview hier gehouden werd en het leek me aardig om bij te wonen”, vertelt ze. Ze is een echte literatuurliefhebster. ,,Vroomkonings gedichten spreken me aan omdat ze niveau hebben en over Boxtel gaan. Ik kom hier zelf ook vandaan.”

Henk Jacobs uit Sint-Michielsgestel heeft drie bundels van Vroomkoning thuis liggen, vertelt hij. Maar hij is niet alleen van de Boxtelaar een fan. ,,Ik ben gewoon een poëzieliefhebber”, legt hij uit. ,,Ik heb meer dan honderd dichtbundels thuis.” Zelf schrijft hij ook graag gedichten. ,,Maar Vroomkoning vormt geen inspiratiebron voor me hoor”, lacht hij. ,,Ik schrijf behoorlijk onder zijn niveau. Ik ben leraar Nederlands en ben gewoon gaan dichten omdat ik het leuk vind. Precies wat Vroomkoning verschrikkelijk vindt, haha.”




4 mei 2006

Print deze pagina

Terug