KINDEREN PLANTEN HONDERDEN BOMEN EN STRUIKEN IN BUITENGEBIED

Schoolkinderen genieten van zonovergoten boomfeestdag

Een groot aantal kinderen van basisscholen in Boxtel, Lennisheuvel en Liempde heeft woensdag meegedaan aan de Nationale Boomfeestdag. Groep 8 van De Spelelier plantte met het voltallige college van B. en W. van Boxtel een houtwal nabij natuurreservaat Kampina. De kinderen van groep 6-7 van de Sint-Theresiaschool in Lennisheuvel beplantten met twee wethouders de veelbesproken groenstrook op De Vorst, terwijl groep 8 van De Oversteek in Liempde een hoogstamboomgaard aanlegde aan de Brukelsestraat.
Een sfeerimpressie...

© 2005 - Brabants Centrum

OP DE FOTO: De wethouders Ger van den Oetelaar, Wim van Erp en Anton van Aert assisteren de kinderen van De Spelelier bij de aanplant van bomen en struiken op Het Loo.

BOXTEL
,,Waar moeten we gaan planten?” Leerlinge Lucia van Hasselt is helemaal klaar voor de boomfeestdag. Ze is net met de rest van haar klasgenoten van De Spelelier aangekomen bij een akker naast natuurgebied Het Loo en wil bij het zien van de struiken en de spades meteen aan de slag. Wethouder Ger van den Oetelaar glimlacht en zegt haar dat ze nog even geduld moet hebben. Eerst gaan wethouder Wim van Erp en boswachter Mari Klijn van Natuurmonumenten wat vertellen.

Klijn legt uit dat de kinderen vandaag geen bomen gaan planten, maar 290 besdragende struiken. ,,De struiken die we hier gaan neerzetten zijn de meidoorn, sleedoorn, de wilde roos, de vlier, de lijsterbes en de hulst. Dit zijn drachtplanten, daar komen insecten op af. Die bestuiven weer de planten. En grotere dieren komen weer op de insecten af. Zo krijg je de natuur, die hier verloren was gegaan door de akkerbouw, weer terug.” Door dit stuk grond te beplanten wil Natuurmonumenten natuurgebied Kampina verbinden met kleinere natuurgebieden zoals Smalwater en Sparrenrijk. Klijn: ,,Nu zijn die natuurgebieden van elkaar gescheiden. Door dit soort landschapselementen gaat dat veranderen. Zo kunnen plant en dier zich straks weer vrijelijk verplaatsen van het ene naar het andere natuurgebied.”

Daarna is het tijd om de struiken te gaan planten. Het voltallige college van burgemeester en wethouders steekt net als de kinderen de handen uit de mouwen. Lucia van Hasselt krijgt bijvoorbeeld hulp van wethouder Van Erp. Zij graaft een gat in de grond, hij plaatst de struik. Wethouder Van den Oetelaar, die even komt kijken hoe zijn collega het er afbrengt, drukt de grond aan. Lucia vindt het leuk werk om te doen. ,,Ik ben zelf zeer geïnteresseerd in de natuur. Ik ga ook wel vaker naar het bos met mijn vader en moeder.”

Het blijkt niet eenvoudig te zijn om de struiken te plaatsen. De grond blijkt ondanks het heerlijke zonnetje nog behoorlijk hard. Tom Dankers heeft daar een oplossing voor gevonden. Hij springt meerdere malen op zijn schep om die in de grond te krijgen. Niels van der Zee, Luuk van Loon en Rens Oostwedder volgen zijn voorbeeld. Het is leuk om te doen en het werkt nog óók. Anouk Pruyn heeft het hogerop gezocht en de hulp van burgemeester Jan van Homelen ingeschakeld voor het graafwerk. Van Homelen moet stevig aan de slag, want Anouk heeft een struik uitgekozen met diepe wortels. Er moet dus een flink gat in de grond worden gegraven. Als iemand de burgemeester daarop voorstelt om dan maar een struik met kleinere wortels in het gat te doen, weigert hij. ,,Anouk heeft gekozen voor deze struik dus deze gaat erin.” Anouk vindt het planten met de burgemeester prachtig. Samen spreken ze af over een aantal maanden te kijken hoe de struik er dan bij staat.

Even verderop planten Sarah Gerrits en Britt Schmidt een hulst. Op school hebben ze al het nodige geleerd over de natuur. Britt: ,,We hebben de laatste weken veel gepraat en opdrachten gemaakt over de natuur. En we hebben een spel over de natuur gedaan.” Hanan Hajji valt haar bij: ,,We moesten in groepjes vragen over de natuur beantwoorden. Mijn groepje had er zeven goed.” Voor Sarah was boomfeestdag al een bekend fenomeen. ,,Ik wist er al veel over. Ik had er op het Jeugdjournaal al wat over gezien.” Lisanne Rovers en Geertje Strik zijn ook druk bezig. Ze vinden de natuur naar eigen zeggen ’erg belangrijk’ en planten daarom, naast de struiken, ook een eikel die ze net gevonden hebben. Geertje giebelt: ,,We zijn extra natuur aan het aanleggen.”

LENNISHEUVEL
,,Lennisheuvel ligt straks mooi in het groen", concludeert secretaris Toon van Grinsven van de Commissie Ruimtelijke Ordening Lennisheuvel (CROL) als een handjevol kinderen van de Sint-Theresiaschool een paar tamme kastanjes plant op De Vorst. Meer dan 25 jaar geleden deden de kinderen in het kerkdorp ook al mee aan de Nationale Boomfeestdag; de ouders van nu halen op De Vorst herinneringen op aan de plantactie van toen aan de Armehoefstraat.

© 2005 - Brabants Centrum

OP DE FOTO: Beeld van de groenstrook die op De Vorst wordt aangelegd. Kinderen van de Sint-Theresiaschool plantten woensdag de eerste kastanjebomen. Op de achtergrond is bedrijventerrein Ladonk zichtbaar.

Van Grinsven: ,,Hier hebben we tien jaar over moeten praten met de gemeente. Als CROL zijn we blijven hameren op het belang van Lennisheuvel en ijveren we voor maximale afscherming van het industrieterrein." De secretaris van CROL is tevreden over de aanleg van de groenstrook op de grens waar straks bedrijventerrein Vorst zal verrijzen. ,,De bomen die nu geplant worden zijn slechts een klein onderdeel van de zogenaamde Groene Rand die in dit gebied wordt aangelegd om Lennisheuvel te beschermen."

Wethouder Ger van den Oetelaar, met collega-wethouder op De Vorst aanwezig om de Lennisheuvelse kinderen bij te staan, vertelt dat de gemeente heel bewust voorrang geeft aan de groenstrook. ,,Pas daarna kan de uitgifte van grond aan het bedrijfsleven beginnen, waarschijnlijk volgend jaar", aldus Van den Oetelaar. In totaal wil de gemeente meer dan twintig hectaren benutten voor het nieuwe bedrijventerrein; in de eerste fase worden circa zes hectaren bebouwd.

Ondanks de vreugde over de aanleg van de groenstrook is er ook bezorgdheid. José Poort, die namens de Werkgroep Natuur- en Milieubeheer Boxtel meewerkte aan de planvorming, is ongerust over de uitwerking en vreest voor het behoud van een poel en enkele knotwilgen, midden in het gebied. ,,Zeker nu er toch al snel een nieuwe rotonde in de Keulsebaan moet komen, ziet het er somber uit", zegt ze. De plek waar bomen geplant worden is heel bijzonder. Poort: ,,Vroeger was dit een bosgebied dat eruit zag zoals landgoed Velder, compleet met sterrenbos. Oude kaarten laten dat fraai zien."

Het dozijn kinderen van groep 6-7 van de Sint-Theresiaschool bemoeit zich niet met deze ingewikkelde vraagstukken. Ze graven kuilen waarin vijf tamme kastanjes geplant moeten worden. De bomen worden geplant op een kunstmatig aangelegde heuvel, die niet alleen als geluidswering dient maar ook het zicht op het toekomstige bedrijventerrein moet ontnemen. ,,Het wordt een leuk plekje om verstoppertje te spelen of kastanjes te rapen", lacht Eva van den Heuvel (9).

Met Iris Derks (10) en Berdine Kamps (10) is Eva druk in de weer om het terrein gereed te maken voor de boomplantactie. ,,Het is leuk om buiten bezig te zijn, zeker omdat we vandaag vrij zijn omdat de leraren een studiedag hebben", vertelt Eva. ,,Het is gezellig om met vriendinnen bomen te planten", vult Iris aan. Berdine bekent dat ze op school weinig gehoord hebben over de boomfeestdag. ,,Er is alleen verteld waar het ging gebeuren."

Rianne Doornekamp deelt de kritiek. Met andere moeders heeft ze de schooljeugd begeleid omdat het lerarenteam van de Sint-Theresiaschool op de valreep een studiedag inlaste en de kinderen een vrije dag kregen. ,,Omdat er op school bijna geen informatie was gegeven, hebben we gisteren snel posters opgehangen en kinderen gemobiliseerd. Anders was deze dag echt in het water gevallen. En dat zou jammer zijn, zeker omdat het om zo'n belangrijk onderwerp voor Lennisheuvel gaat." Doornekamp is razend enthousiast over de boomplantdag. ,,We hebben besloten dat we alle bomen een naam gaan geven."

LIEMPDE
Elf fruitbomen, elf knotwilgen en zo’n 650 andere bomen en struiken. In Liempde verzamelen zich tachtig leerlingen uit groep 8 van basisschool De Oversteek om gezamenlijk de handen uit de mouwen te steken. Op een perceel aan de Brukelsestraat planten ze bomen en struiken. Gewapend met een schop, rubberlaarzen en vol goede moed verspreiden ze zich onder begeleiding van leden van de Natuurwerkgroep Liempde in groepjes over het terrein.

Bij het ontwerp is volgens Karel Voets, bestuurslid van de natuurwerkgroep en een van de coördinatoren van de boomfeestdag, rekening gehouden met zowel het landschappelijke en cultuurhistorische aspect alsmede het behoud van de natuurwaarden. Het thema bomen en dieren werd onder meer ingevuld door op het terrein een steenuilenkast op te hangen. Volgens Voets houdt deze uilsoort van een afwisselend landschap zoals vandaag op het terrein wordt aangelegd.

© 2005 - Brabants Centrum

OP DE FOTO: Wethouder Wim van Erp assisteert bij het planten van bomen aan de Brukelsestraat in Liempde. Rechts Jacqueline Verstappen, links Oversteek-leerling Sander.

Aan de hand van het ontwerp licht Voets een en ander toe. Zo vertelt hij dat op het terrein een fruitboomgaard door de kinderen wordt aangeplant. Dat de bestaande knotwilgenrij door hen wordt versterkt, dat zij tien nieuwe wilgen zullen planten en dat de kinderen een klein bosplantsoen en een stukje struweel zullen aanleggen. Maar niet voordat de boomfeestdag ook in Liempde officieel is geopend. En die eer is aan wethouder Wim van Erp. Nadat hij de kinderen kort toegesproken heeft, graaft hij samen met grondeigenaar Jacqueline Verstappen het eerste gat voor één van de bomen. Daarna hangt hij samen met de jarige meester Mari de steenuilenkast op.

In groepjes verspreiden de kinderen zich over het terrein. Lieke gruwelt wanneer één van de begeleiders een grote worm te voorschijn haalt. Maar samen met Irmi graaft zij ijverig verder. ,,Hier maken wij een gat en daar komt deze boom dadelijk in”, leggen de klasgenootjes uit terwijl zij op een tak van een knotwilg wijzen. Maar hoe dieper ze graven hoe zwaarder het wordt. De wethouder ziet het even aan en biedt een helpende hand, waarna de meisjes zelf weer verder kunnen. Het gat is inmiddels zó diep, dat er water in staat. Irmi gaat voor de zekerheid even aan een begeleider vragen of het gat diep genoeg is. En jawel, de knotwilg kan geplant worden.

Naast hen staan Robin en Stef, ook zij hebben een gat gegraven waarin dadelijk een knotwilg geplant kan worden. ,,Het was even lastig want er zaten veel wortels”, legt Robin uit. De jongens schatten dat het gat een halve meter diep is en dus kan ook hier een knotwilg geplant worden. ,,Hoe lang duurt het nou eigenlijk voordat deze boom net zo groot is als die daar?”, vragen de leerlingen zich af. Hun begeleider schat vijftien jaar. ,,Dus als ik 26 ben, staat hier een flinke boom van mij”, rekent Iris snel uit.

Een stuk verderop steken vier leerlingen Ilse, Claudia, Lissy en Jonne verwoed hun schop in de grond. Ze zijn een perenboom aan het planten. De taken lijken goed verdeeld. Zojuist hebben ze ook al een kersenboom in de grond gezet. Volgens de meisjes is het gezellig om met z’n allen de bomen te planten. Lissy en Ilse zijn wel wat gewend omdat het tweetal lid is van de Jeugdnatuurwacht. ,,Daar hebben we wel eens bomen geknot, dat was vermoeiender dan dit”, stelt Ilse.




17 maart 2005

Print deze pagina

Terug