THEO VAN BREUGEL 50 JAAR BIJ GILDENBONDSHARMONIE

’Mensen sluiten gordijnen als harmonie langskomt’

© 2005 - Brabants Centrum

OP DE FOTO: Theo van Breugel poseert in het kostuum van de Gildenbondsharmonie.

Theo van Breugel (62) staat officieel vijftig jaar ingeschreven als lid van de Gildenbondsharmonie. Maar de Boxtelaar is al veel langer betrokken bij het muziekkorps; als zevenjarig jongetje liep hij als tamboer al voorop tijdens een concours in Oisterwijk. ,,Het hele dorp liep uit toen we met de eerste prijs op zak op het station in Boxtel terugkeerden. De dagprijs liepen we trouwens mis omdat ik een stokje had laten vallen.”

Van Breugel heeft het kostuum van de Gildenbondsharmonie nog steeds in de kast hangen en haalt het te voorschijn als hij meespeelt tijdens de Heilig Bloedprocessie, de intocht van Sinterklaas of de slotdag van de avondvierdaagse. Hij is al enkele jaren rustend lid van de harmonie omdat hij de muziek te moeilijk vindt - ,,dat geef ik eerlijk toe”- en de optredens op straat mist. ,,Waar is de tijd gebleven dat de harmonie uitrukte om een serenade te spelen? We hebben heel wat gouden paren op een serenade getrakteerd, net als al die militairen die uit Nederlands-Indië terugkeerden.”

Van Breugel betreurt dat de tijden zijn veranderd. ,,Ik herinner me de jaren waarin de politie achter de harmonie moest gaan lopen om het opdringerige publiek op afstand te houden. Nu doen mensen de gordijnen dicht als ze een harmonie horen. Toen de Liempdse fanfare Concordia kort na de gemeentelijke herindeling ging dauwtrappen in Boxtel-Oost spraken de mensen van geluidsoverlast.” De jubilaris is blij dat het aloude marsrepertoire niet helemaal verloren is gegaan. Hij heeft er bij het bestuur op aangedrongen de mars te behouden. ,,Gelukkig wordt nu eenmaal per maand een mars geoefend.”

Dat Van Breugel op zeer jonge leeftijd lid zou worden van de Gildenbondsharmonie stond vast. Zijn vader was een rasmuzikant, net als de vader van zijn echtgenote Ans Voets trouwens. ,,Bij ons thuis werd altijd over de harmonie gepraat. Het was de vaste gespreksstof voor alle verjaardagsfeestjes. Verjaardagen die samenvielen met een repetitie gingen niet door; de repetitie werd nooit afgezegd”, blikt Van Breugel terug.

Die tijden zijn veranderd en zelfs de Gildenbondsharmonie is volgens de jubilaris een bedrijf geworden waar dirigent en instructeurs betaald worden. Van Breugel heeft alle begrip voor deze ontwikkeling, maar roept in herinnering dat oudgedienden vroeger zonder blikken of blozen de scholing van jonge muzikanten op zich namen. ,,Vroeger werd nooit over geld gepraat, het was logisch dat je mensen vanuit eigen kring een stapje verder wilde helpen. Nu worden de docenten van elders gehaald en is het logisch dat daar een vergoeding tegenover staat.”

Als een rode draad door zijn muzikantenleven loopt de rivaliteit met die andere harmonie: Boxtel’s Harmonie. De jubilaris van de Gildenbondsharmonie vertelt dat de animositeit tussen beide muziekkorpsen decennia geleden ongekend groot was. ,,Ik mocht niet bij vriendjes gaan spelen als hun vaders lid waren van Boxtel’s Harmonie en ik weet dat het omgekeerde ook gebeurde in Boxtel.” Van Breugel geeft aan dat in die jaren allerlei streken werden uitgehaald. ,,Eenmaal moest de politie eraan te pas komen. Toen kwamen beide harmonieën elkaar tegen in het smalste deel van de Rechterstraat. Geen van de muziekkorpsen wilde opzij gaan dus moest een politieagent de muzikanten langs elkaar loodsen.”

De rivaliteit tussen beide muziekkorpsen is blijven bestaan, maar volgens Van Breugel is nu sprake van een goede verhouding en wederzijds respect. ,,Ik vind het geweldig wat Boxtel’s Harmonie presteert en heb veel waardering voor hun prestaties”, zegt de jubilaris. Lachend vult hij aan dat hij thans samen met oud-muzikanten van Boxtel’s Harmonie in ouderenorkest Da Capo actief is. ,,Natuurlijk plagen we elkaar wel eens, maar we kunnen heel goed met elkaar opschieten”, grinnikt Van Breugel.

Hij bewaart de mooiste herinneringen aan de twee landstitels die hij met de Gildenbondsharmonie in Kerkrade heeft behaald. In de afdeling superieur, met 345 van de 360 punten, benadrukt Van Breugel. Vooral het feit dat een welhaast onklopbaar Limburgs muziekkorps in eigen huis werd verslagen mag nog steeds met hoofdletters vermeld worden, zo stelt de jubilaris. Andere toppers in zijn loopbaan vormden de twaalf edities van het Snaterfestijn, een week voor carnaval. Onder aanvoering van de Gildenbondsharmonie werd Boxtel opgewarmd voor het carnavalsfeest. ,,Tien jaar lang hebben we gespeeld in De Ark. ’t Is zonde dat die zaal verloren is gegaan.”

Heimwee naar de concerten die de Gildenbondsharmonie de laatste jaren speelt heeft van Breugel niet. Hij is meer een muzikant die graag de straat op gaat en meeloopt in een bloemencorso of tijdens de jaarlijkse Brabantse Dag in Heeze maar ook niet terugdeinst voor een busreis naar België of Frankrijk om een grote winkel te openen. ,,Vooral de taptoes waren echte hoogtepunten. Op Koninginnedag op de Boxtelse Markt, komend vanuit de donkere poort naast het gemeentehuis. Machtig mooi!”

Van Breugel onderhoudt wekelijks zijn contacten met de harmonie. Iedere donderdagavond is hij te vinden in de Tijberzaal van het Vmbo-College aan de Baanderherenweg, waar de Gildenbondsharmonie repeteert. ,,Ik mag pas na half elf komen”, verduidelijkt de muzikant. ,,Ik praat te hard.”




6 januari 2005

Print deze pagina

Terug