PIET VAN ABEELEN BLIKT TERUG OP OORLOGSJAREN

Herinneringen van een Liempdse verzetsman

© Brabants Centrum

OP DE FOTO: Aan de sloot langs de Broekdijk in de omgeving van De Sort beleefde Piet van Abeelen in 1944 angstige taferelen. Om uit het beeld van de bezetter te blijven, schoof hij een nacht lang op zijn buik door het moeras.

Zestig jaar na de bevrijding kost het Piet van Abeelen (84) uit Liempde nog altijd moeite om over de oorlog te praten. Hij heeft als verzetsman dan ook heel wat meegemaakt. Van Abeelen stond als negentienjarige militair op wacht in Breda toen de mobilisatie werd afgekondigd en de oorlog zich aandiende. Na de oorlog kwam hij in aanmerking voor een verzetskruis, maar de onderscheiding is door een conflict met de burgemeester van Liempde nooit uitgereikt...

Van Abeelen merkte in Breda dat hij niet meer werd afgelost. Bij navraag bleek zijn onderdeel al vertrokken te zijn naar Den Haag. Met een goederentrein is hij zijn kameraden achterna gereisd. Op het moment dat de eerste vliegtuigen overkwamen, is geprobeerd op de toestellen te schieten, maar de juiste middelen ontbraken. Van Abeelen is kort na het uitbreken van de oorlog krijgsgevangen genomen en werd geďnterneerd in een kamp in de buurt van Den Haag.

Na een dag of acht mocht de Liempdenaar naar huis omdat hij landbouwer was. Kort na thuiskomst kreeg hij een oproep zich weer in Den Haag te melden voor het leger. Hij is toen ondergedoken in Oisterwijk. Daar kwam hij in contact met een geestelijke die hem vroeg of hij opgeleid wilde worden tot verzetsstrijder. Van Abeelen kwam toen in een Limburgse groep van het georganiseerde verzet. Hij maakte deel uit van de Knokploeg (KP) en kreeg bijvoorbeeld opdrachten om distributiekantoren te overvallen en onderduikadressen te regelen. Met vijf vaste collega’s regelde hij een aantal zaken. De verzetsmensen pleegden ook een overval op twee mensen van de Sicherheitsdienst (SD).

In de boerderij van een landbouwer in Orthen werd ook een kamer gevorderd. In de bedstee werd een ontvanger geďnstalleerd waarmee de verzetslieden instructies kregen in de vorm van codetaal. Van Abeelen zwierf in deze periode door heel Brabant. Hij ging ook een keer op de fiets naar Eindhoven om daar na te gaan of er zakken met post vervoerd werden. In de bus zittend heeft hij door het lezen van een bepaalde bladzijde van de krant aan derden kunnen doorgeven dat de postzakken inderdaad in de bus vervoerd werden.

In Son is de bus vervolgens tot staan gebracht en zijn de postzakken door een boer uit de bus gehaald en met een kar verder vervoerd. Van Abeelen vindt het moeilijk om zijn gevoelens van toen goed onder woorden te brengen. ,,Als je het niet meegemaakt hebt, dan is het bijna niet voor te stellen onder welke druk we moesten werken. Ik heb veel angst gehad, maar echt bang ben ik nooit geweest.”

KANON
Aan het eind van de oorlog zat Van Abeelen in Eerde bij boer Hellings. Daar werden parachutisten gedropt. Het was zijn taak om die zo snel mogelijk naar de brug in Sint-Oedenrode te brengen. Daar ontstond een linie van de bevrijders vanaf Eindhoven, via Sint-Oedenrode naar Veghel. Een Nederlandse officier kwam de Liempdenaar daar halen en vroeg of hij wist waar de Duitsers een kanon verborgen hielden. Van Abeelen sloop vervolgens door de linie om het kanon te zoeken. Er was hem een nieuwe motor in het vooruitzicht gesteld als dit hem zou lukken. Na een koude en angstige nacht in de sloot vond hij het kanon op de grond van de kinderen Van der Velden, direct naast de Gerritshoeve.

Op de terugweg werd Van Abeelen gearresteerd door een Engelse patrouille en werd vastgezet in achtereenvolgens Sint-Oedenrode en Eindhoven. Het kostte hem de nodige moeite om zijn bewakers duidelijk te maken waar hij ten tijde van zijn arrestatie mee bezig was en hoe dringend hij zijn officier moest spreken. Uiteindelijk bracht een Nederlandse officier hem naar de commandopost in Sint-Oedenrode waar hij het kanon op de kaart heeft kunnen aanwijzen. De beloofde motor kreeg de Liempdenaar, maar veel plezier heeft hij er niet van gehad. De Duitse bezetter schoot de tweewieler korte tijd later in brand.

In de laatste dagen van de oorlog wilde Van Abeelen graag naar huis. Een Nederlandse officier verzekerde hem dat 's nachts om twaalf uur de aanval geopend zou worden en hij de volgende ochtend naar huis zou kunnen. Die nacht werd er enorm veel geschoten; de bevolking van Liempde werd toen volgens de verzetsman geëvacueerd. Lopend door een mijnenveld heeft hij uiteindelijk zijn ouderlijke woning veilig weten te bereiken. Thuis trof hij alleen de hond en veel troep; de Duitse militairen hadden voor hun vlucht flink huisgehouden.

,,De borden met snert stonden nog op tafel", herinnert Van Abeelen zich. Uiteindelijk ontmoette de Liempdenaar zijn familie bij de zus van zijn moeder op de Berg. Hij zegt deze ontmoeting nooit meer te zullen vergeten; vooral de begroeting van zijn moeder was een emotioneel moment.

OORLOGSKRUIS
Na de bevrijding van Liempde trad Van Abeelen in Engelse dienst. Met de Britten trok hij op naar het Duitse Paderborn, waar hij gewond raakte. Er waren veertien weken verpleging in diverse ziekenhuizen nodig om er weer bovenop te komen. Na verblijf in een rustkamp in Oostende, moest Van Abeelen eigenlijk naar Engeland om herkeurd te worden. Dit zag hij echter niet meer zitten. Hij stapte op de trein waarin echter veel Engelse militairen zaten. Bang voor aanhouding sprong hij uit de trein. Wat volgde was een barre tocht richting Boxtel. Op een brug zakte Van Abeelen in elkaar en werd hij door een Boxtelaar meegenomen en thuis verpleegd.

Wat Van Abeelen heeft meegemaakt in de oorlog heeft hem gevormd, zo zegt hij. ,,Liever had ik het niet meegemaakt, maar ik heb er veel van geleerd. Niet alleen op menselijk vlak heb ik ervaren hoe de wereld werkelijk in elkaar zit. Daar ben ik door eigen ervaringen achtergekomen.”

Na de oorlog kwam de Liempdenaar in aanmerking voor een oorlogskruis, dat zou worden uitgereikt door toenmalig burgemeester Laurijssens. Bij de burgemeester kreeg hij allereerst de machtiging uitgereikt waarop stond dat hij het oorlogskruis mocht dragen. Voordat hem het insigne zelf werd overhandigd bleek Van Abeelen een bedrag van ¦ 2,75 te moeten betalen.

En dat heeft hij principieel geweigerd. Ondanks een langdurige briefwisseling met de burgemeester kwam er geen oplossing; beiden bleven bij hun standpunt. Het oorlogskruis heeft Van Abeelen dus nooit ontvangen. Hij moet het zestig jaar na dato nog altijd doen met de machtiging waarop staat dat hij de onderscheiding mag dragen.

© Brabants Centrum

OP DE FOTO: Piet van Abeelen bij het verzetsmonument in het Concordiapark. De 84-jarige Liempdenaar kan zich nog alles herinneren van het ingrijpende oorlogsverleden.




21 oktober 2004

Print deze pagina

Terug