ESSCHE ZUSTER SCHRIJFT BOEK OVER CONGREGATIE

In het voetspoor van een eenvoudig boerenmeisje

© Brabants Centrum

OP DE FOTO: Zuster Antonia Marie bekijkt in haar werkkamer in Esch het manuscript van haar boek.

Monnikenwerk. Zo mag de historische speurtocht van zuster Antonia-Marie Duivenvoorde (74) uit Esch zeker genoemd worden. Ontelbare uren verdiepte ze zich in het verleden van haar orde, de Congregatie van de Goddelijke Verlosser. Tachtig jaar geleden vestigden de eerste zusters zich in Nederland om zich in de wijkverpleging, ouderenzorg en het onderwijs verdienstelijk te maken. Ook in onze regio waren de zusters actief. Ouderen in Esch zullen zich wijkzuster Arnulfa, kleuterzuster Erltraud (Elsje) en zuster Lidwina, de directrice van verzorgingshuis Sint-Jozef zeker herinneren. Eind deze maand zal het omvangrijke boekwerk onder de titel 'Eenheid in verscheidenheid’ bij drukkerij Tielen van de pers rollen en officieel worden gepresenteerd.

Bescheidenheid siert haar, behalve als het om haar congregatie gaat en het leven waarvoor ze bewust gekozen heeft. Een leven in het voetspoor van stichteres mère Alphonse-Maria Eppinger, een eenvoudig boerenmeisje uit de Elzas met een geweldige wilskracht en een intense geloofsovertuiging. Zuster Antonia-Marie raakt er amper over uitgepraat en zou het vreselijk vinden als het ontstaan, de bloei en uitbreiding van de congregatie in de toekomst verloren zou gaan.

Toen zuster Antonia-Marie hoorde dat bij de Kruisheren in Sint-Agatha een archief ingericht zou gaan worden met alle gegevens van kloosters en congregaties in Nederland, wist ze één ding zeker. Namelijk dat ook de historie van de Congregatie van Goddelijke Verlosser voor het nageslacht vastgelegd en bewaard moest worden. ,,We zijn weliswaar maar een heel klein onderdeel van de grote geschiedenis van 154 jaar, maar toch vond ik het de moeite waard om dit document te schrijven”, legt zuster Antonia-Marie uit. ,,Het zal het eerste zijn, waarvan tevens het laatste hoofdstuk geschreven zal worden. We zijn immers nog maar met zeven zusters in Nederland overgebleven.”

GROEIEND VERLANGEN
Een eenvoudige opgave stelde de Essche zuster zich niet, want behalve de Duits- en Franstalige brochure waarin het ontstaan en de leefregels van de Congregatie van de Goddelijke Verlosser beschreven stond, bestond geen enkel Nederlandstalig naslagwerk. Sommige kloosters en huizen (het gaat om twaalf in totaal) hadden weliswaar handgeschreven dagboeken (kronieken) bijgehouden, maar van anderen bestond helemaal niets. De zuster legt uit: ,,Kronieken bleken na de oorlog verdwenen, anderen verbrand en het aantal zusters dat mij over de geschiedenis wilde en kon vertellen werd steeds kleiner.”

Zuster Antonia-Marie dook in archieven, speurde naar oude foto’s en brieven, sprak met medezusters en schreef geduldig alles op wat ze vond en hoorde. Er kwam geen computer aan te pas; alle bevindingen werden in haar eigen handschrift uitgewerkt. ,,Het was een heel karwei, maar gelukkig heb ik veel hulp gehad, anders zou het me nooit zijn gelukt”, lacht ze bescheiden, waarbij ze vooral haar huisgenoot zuster Lidwina niet wil vergeten. Stralend zegt ze: ,,Ik had nooit durven hopen dat het zó mooi en uitvoerig zou worden.”

ESSCHE HISTORIE
Het eerste deel van haar boek is een vertaling van de Franse prospectus en gaat over het begin en de uitbreiding van de congregatie. Het tweede gedeelte beschrijft de korte geschiedenis van de Zusters van de Goddelijke Verlosser in Nederland van 1923 tot heden.

Een speciaal hoofdstuk is gewijd aan de historie van de zogenaamde 'zwarte zusters’ in Esch. De eerste Duitssprekende zusters die in 1936 naar het dorp kwamen moesten wel wennen aan de rust op het platteland, maar de Brabantse gastvrijheid en gemoedelijkheid verzachtten hun heimwee naar Beieren. Beetje bij beetje leerden ze de taal hoewel misverstanden soms tot hilarische situaties konden leiden. De zusters stonden aan de wieg van de wijkverpleging, het kleuteronderwijs en de ouderenzorg in Esch. Werk dat geleidelijk door leken overgenomen werd.

Anno 2004 heeft het klooster- en bejaardenhuis Sint-Jozefzorg plaatsgemaakt voor een modern verzorgingshuis met fraaie aanleunwoningen. De twee overgebleven zusters van de Allerheiligste Verlosser (tegenwoordig Goddelijke Verlosser genaamd), zuster Antonia-Marie en zuster Lidwina, wonen nog steeds in Esch en wel in het gastvrije Huize Bethanië aan de Dorpsstraat. Nog altijd zijn ze pastoraal actief en zetten zich onder meer in voor ouderen, alleenstaanden en mensen die wat extra hulp kunnen gebruiken.

Zuster Antonia-Marie is blij dat haar 'speurtocht naar het verleden’ volbracht is en de congregatie ook naar buiten toe een helder gezicht heeft gekregen. Een congregatie die zich geleidelijk vertakt heeft over heel de wereld en die ondanks alle verschillen in huidskleur en achtergrond van de zusters toch een hechte eenheid vormt. Een mooiere titel voor haar boek 'Eenheid in verscheidenheid’ kon ze dan ook niet bedenken.

Het boek zal woensdag 29 september tijdens het vijftigjarig bestaan van Huize Sancta Maria in Beverwijk worden gepresenteerd.

© Brabants Centrum

OP DE FOTO: Een historische opname van de Essche Sint-Willibrordusschool met op de achtergrond een van de 'zwarte zusters'.




16 september 2004

Print deze pagina

Terug