SCHRIJNDRAGERS AL 20 JAAR VERENIGD IN BROEDERSCHAP

'Bloedprocessie is typisch Boxtels evenement'

© Brabants Centrum

OP DE FOTO: De schrijndragers, met Peter van Zoest (midden), in actie tijdens de rondgang van de Heilig Bloedprocessie door de Boxtelse straten. (Archieffoto Brabants Centrum).

Als komende zondag 6 juni de Heilig Bloedprocessie weer op het programma staat, vindt het jaarlijkse weerzien plaats van de twaalf zogeheten schrijndragers. Sinds 1984 zijn de dragers van het schrijn met daarin het bloeddoek verenigd in een broederschap met de naam Portantes Sanguinem Sacrum' (Latijn voor 'Zij die het Heilig Bloed Dragen'). De bezetting van de groep, waaronder ook een viertal oud-Boxtelaren, is in de afgelopen twintig jaar vrijwel ongewijzigd gebleven. ,,We zien elkaar eigenlijk alleen maar op de dag van de Heilig Bloedprocessie, maar dan is het net of we elkaar gisteren nog gezien hebben. Het is een hecht vriendenclubje", aldus Peter van Zoest (50), een van de schrijndragers en de 'scribent' van het broederschap.

Van Zoest is een geboren en getogen Boxtelaar, die sinds 1993 in de regio Utrecht woonachtig is. Hij studeerde theologie, was onder meer actief als freelance journalist en verzorgde meer dan twaalf jaar de mediacommunicatie voor de Rooms-katholieke Kerk in Utrecht.

,,Sinds vorig jaar heb ik een eigen tekst- en communicatiebureau. Nee, in Boxtel kom ik niet vaak meer, al voel ik me nog wel een echte Boxtelaar. Ik kijk er elk jaar naar uit om naar Boxtel te komen voor de Bloedprocessie. Het is een soort reünie, omdat je de deelnemers door de jaren heen goed hebt leren kennen en veel bekende gezichten ziet", aldus Van Zoest.

,,Met de groep schrijndragers zullen we voor en na de processie gekleed gaan in rode polo's met de opdruk www.bloedprocessie.nl. We proberen elk jaar met onze groep iets te doen om de bloedprocessie onder de aandacht te brengen van de mensen. Op de website, die sinds kort in de lucht is en die door mij beheerd wordt, is alle informatie over de bloedprocessie te vinden, waaronder veel gegevens over de geschiedenis. Ik vind dat de Heilig Bloedstichting te weinig aandacht heeft voor de promotie van het evenement, terwijl dat juist heel belangrijk is. Willen we een zo'n typisch Boxtels evenement in stand houden en ervoor zorgen dat er steeds genoeg deelnemers zijn, dan moeten we ervoor zorgen dat de bloedprocessie in de picture blijft."

Dat de groep schrijndragers door de jaren heen vrijwel geen mutaties heeft ondergaan, is volgens Van Zoest vrij uniek in de traditie van de Bloedprocessie. Ook het viertal oud-Boxtelaren komt ieder jaar trouw op Drievuldigheidszondag naar Boxtel om met de processie mee te lopen.

,,In totaal bestaat de groep schrijndragers uit ongeveer zestien personen, waaronder mensen als René Leenders, Paul Baars, Ruud Eijsens en Jan en Frans Jaartsveld. De harde kern wordt gevormd door twaalf mensen die elkaar qua leeftijd niet veel ontlopen. De leden zijn vrijwel allemaal 'midden veertigers'. Tot de groep behoren overigens ook een paar reserves en de vaandeldragers."

BECOLOTH
Ieder jaar zijn de leden van de broederschap voor en na de Bloedprocessie bij café Becoloth te vinden. ,,Een paar uur voor de Bloedprocessie van start gaat, houden wij daar een werklunch. Dat is eigenlijk meteen ook onze jaarvergadering, want verder vinden er geen bijeenkomsten plaats van onze broederschap. Bij Becoloth drinken we vooraf een kop koffie en eten we broodjes, zodat we met een goed gevulde maag aan de processie kunnen beginnen."

Volgens Van Zoest is de wijze waarop het publiek de Heilig Bloedprocessie beleeft door de jaren heen veranderd ,,Als wij vroeger met het schrijn voorbij trokken, kwam het vaak voor mensen knielden. Dat gebeurt nu niet meer. Ik vind toch dat de eerbied voor de processie is afgenomen, een voorbeeld daarvan is dat kinderen door de processie heen lopen. Dat zou eigenlijk niet moeten kunnen", aldus Van Zoest.

,,Ik weet niet of de mensen die meedoen aan de Bloedprocessie allemaal even devoot en gelovig zijn, maar ik weet wel zeker dat je iets met het geloof moet hebben om aan de processie deel te kunnen nemen. De omgang met beelden, de geuren; het is allemaal heel erg katholiek en komt allemaal terug in de Bloedprocessie. Generaties Boxtelaren hebben meegelopen met de processie. Het is een gebeuren met heel veel traditie dat we in stand moeten houden."

RESPECTVOL
De schrijndragers gaan heel serieus met hun rol in de Bloedprocessie om, zo blijkt ook uit een passage op de website www.bloedprocessie.nl. 'De leden van de broederschap zijn er diep van doordrongen dat het dragen van het Heilig Bloed respectvol en devoot moet gebeuren en dat een goede teamgeest hiervoor onontbeerlijk is. De schrijndragers dienen immers volledig op elkaar ingespeeld te zijn om ervoor te zorgen dat het schrijn waardig aan het volk getoond wordt en ongeschonden met het bloeddoek in de Sint-Petruskerk terugkeert.'

Volgens Van Zoest is een fraai staaltje 'schrijndragersvakmanschap' een aantal keren tijdens de processie te zien wanneer de zogenaamde 'wisseltruc' wordt uitgevoerd. ,,Dat is voor het publiek spectaculair om te zien, vandaar dat we het bij voorkeur doen op plekken waar veel mensen staan. Bij de wisseltruc nemen vier schrijndragers het schrijn van hun broeders over. De voorste groep van vier dragers staat stil en wacht op de groep die het schrijn meevoert om dit vervolgens over te nemen. De achterste groep loopt ondertussen door naar voren en degenen die van hun last verlost zijn, gaan achteraan lopen. Het schrijn is behoorlijk zwaar, om het vol te houden is het belangrijk dat de schrijndragers elkaar regelmatig aflossen. Daarnaast is het van belang dat de dragers qua lengte niet veel verschillen en in de pas blijven lopen."

Na afloop van de rondgang door Boxtel is er in de Sint-Petruskerk een plechtige slotviering, waarbij de schrijndragers ook een belangrijk aandeel hebben. Het Onze Lieve Vrouwebeeld en het schrijn met het Bloeddoek worden hierbij de kerk binnen gebracht. Nadat het schrijn door de schrijndragers is binnengedragen, wordt het Bloedddoek teruggeplaatst in de daarvoor bestemde reliekhouder.

,,Na de slotplechtigheid zit onze taak erop en gaan we naar Becoloth om even na te praten onder het genot van een borrel", aldus Van Zoest. ,,Alles bij elkaar is het toch een lange en intensieve dag. In de ochtend vertrek ik meestal en 's avonds kom ik pas weer thuis. Het mooiste is dan ook als je na afloop van de Bloedprocessie een tevreden gevoel hebt overgehouden aan de dag en moe maar voldaan naar huis kan gaan."




3 juni 2004

Print deze pagina

Terug