'BRABANT GOEDGEMUTST' OPEN VANAF 30 MEI

Poffers en mutsen pronken in Boxtels tweelingmuseum

© 2008 - Brabants Centrum

OP DE FOTO: In het museum Brabant Goedgemutst legt Ans van den Bosch de laatste hand aan de inrichting. Deze mutsenmaaktster is een van de door de Vughtse zelf geboetseerde karakterpoppen die te zien is. (Foto: Albert Stolwijk).

DOOR HENK VAN WEERT

Met een lezing door cultuurhistoricus Gerard Rooijakkers wordt morgen, vrijdag 30 mei het museum Brabant Goedgemutst geopend. Ondergebracht in een uit 1872 daterende en recent fraai gerenoveerde dorpswoning aan de Stationsstraat 39 vormt de bijzondere collectie poffers en kleding een tweelingmuseum met het in 1990 geopende Wasch- en Strijkmuseum.

De rijk versierde mutsen die welgestelde Brabantse boerinnen vanaf 1870 tot circa 1925 droegen komen prachtig tot hun recht in het nieuwe museum. De afgelopen jaren was een deel van de collectie die is samengesteld door Ans van den Bosch- van Dillen uit Vught al te zien in historisch museum Piet Dorenbosch. Bernard Vekemans, die enkele jaren geleden de collectie van Van den Bosch aankocht om te voorkomen dat deze uiteen zou vallen, heeft zijn woning aan de Stationsstraat gerenoveerd en bestemd als museum. Niet zo verwonderlijk want in het achterste deel is al vele jaren zijn Wasch- en Strijkmuseum gevestigd.

In het linker deel van de dubbele dorpswoning aan de Stationsstraat komt de rijke verzameling boerenkleding en poffers fraai tot zijn recht. Een oude prentbriefkaart is uitvergroot op canvas en siert een van kamers als wandbespanning. Het beeld van boerenkarren in de Rechterstraat uit het begin van de twintigste eeuw geeft een speciale dimensie aan het museum.

Streeksgewijs worden in de aangrenzende salon boerinnenmutsen getoond. Naast de met zijde bloempjes en tule rijk versierde witte poffers van welgestelde boerinnen van de zandgronden, ook de meer sobere mutsen uit de protestantse delen van Brabant.

,,De versieringen op de Brabantse mutsen verschijnen vanaf het laatste kwart van de negentiende eeuw. Dankzij het werk van de Heidemij verbetert de Brabantse zandgrond en kunnen boeren zich iets meer luxe permitteren. Met name de boerinnen pronken met hun mutsen naar de rest van het kerkvolk. Na pakweg vijftig, zestig jaar worden de poffers zó groot dat ze niet meer te dragen zijn", vertelt Van den Bosch.

COMPOSITIE
Afkomstig uit een familie van architecten en beeldhouwers raakte de inwoonster van Vught bijna veertig jaar geleden geďnteresseerd in de techniek van de boerinnenmutsen. ,,Het was een tot op de draad versleten poffer die ik bij toeval in handen kreeg. Wč moete gij as burgermčske toch mî zônne vuile tod, vroeg de vrouw die haar oude poffer aan Van den Bosch schonk.

,,Maar ik kíjk naar de dingen die ik zíe. Ik wil weten hoe iets gemaakt is en waarom. Ook de compositie van zo'n muts intrigeert me. Daarom ben ik op zoek gegaan naar vrouwen die poffers hadden gemaakt en heb hun verhalen vastgelegd. Zo ben ik vanaf het begin van de jaren zeventig heel veel te weten gekomen over deze typische streekdracht", vertelt Van den Bosch, die afgelopen week met haar man Huub en museumeigenaar Vekemans de laatste hand legde aan de inrichting van het nieuwe Boxtelse museum.

Van den Bosch wijst erop dat vrouwen honderd jaar geleden altíjd een muts droegen. ,,Zelfs in de bedstee. Op zich begrijpelijk: men waste het haar maar een paar keer per jaar en dus werd het op den duur erg vet." De zwarte muts werd aanvankelijk versierd met witte tule. Vervolgens kwam een bloemenkrans in zwang, gemaakt van zijden bloempjes die vanuit Oost-Europa werden geďmporteerd. De linten waarmee de poffers werden versierd waren afkomstig uit Frankrijk. ,,De poffer is een echt Brabants product. Hier gemaakt, maar met buitenlandse materialen", verduidelijkt Van den Bosch.

Door de jaren heen heeft de Vughtse zich bekwaamd in de restauratie van poffers. Talloze mutsen heeft ze weer als nieuw gemaakt. ,,Zoveel mogelijk met de authentieke materialen." Nog regelmatig krijgt Van den Bosch poffers aangeboden. Ze haalt een bananendoos te voorschijn: ,,Dit exemplaar lag op de vuilnisbelt maar werd gelukkig gered. De vinder bracht 'm bij me en ik heb de muts weer zoveel mogelijk in originele staat teruggebracht. Het is mijn laatste aanwinst."

GEREEDSCHAP
Naast de poffers en mutsen die in diverse vitrinekasten staan opgesteld, zijn in museum Brabant Goedgemutst diverse boerenkostuums te zien. Enkele van de poppen die de oude kleding dragen zijn door Ans van den Bosch zelf geboetseerd. Bovendien zijn de gereedschappen te bewonderen waarmee de poffers werden gemaakt.

Museum Brabant Goedgemutst is – net als het Wasch- en Strijkmuseum – op afspraak geopend. Bezoekers worden rondgeleid door enkele vrijwilligers die zich als gids hebben verdiept in de collectie. Belangstellenden kunnen bellen naar telefoonnummer (0411) 67 18 84 of mailen: info@waschenstrijkmuseum.nl. Faxen kan ook: (0411) 68 81 33.

© 2008 - Brabants Centrum

OP DE FOTO: Ans van den Bosch toont museumeigenaar Bernard Vekemans haar laatste aanwinst. Deze poffer lag bij het oud vuil, maar werd nog gered. De gerestaureerde boerinnenmuts is een van de pronkstukken in het nieuwe Boxtelse museum. (Foto: Albert Stolwijk).




29 mei 2008

Print deze pagina

Terug