![]() |
TRUUS THEELEN VERLOOR ECHTGENOOT BIJ HERCULESRAMP 'Het voelt alsof het gisteren gebeurd is'![]() OP DE FOTO: Kapitein Hans Theelen uit Boxtel poseert met op de achtergrond het fanfarekorps van de Koninklijke Landmacht uit Vught. Dertig van de 37 leden van het korps kwamen om het leven bij de ramp met het Belgische Hercules-vliegtuig op de vliegbasis Eindhoven. In totaal kostte de crash 34 inzittenden het leven. (Foto: collectie familie Theelen). Ze is blij als de maand juli voorbij is. Voor Truus Theelen (62) uit Boxtel staat deze maand in het teken van het dramatische ongeluk op 15 juli 1996 met het Hercules-vliegtuig op vliegbasis Eindhoven, waarbij 34 inzittenden om het leven kwamen. Eén van hen was haar man; kapitein Hans Theelen, destijds 47 jaar oud. Theelen was commandant en manager van het fanfarekorps van de Koninklijke Landmacht uit Vught dat terugkeerde van een internationaal muziekfestival in Italië. Tweehonderd lotgenoten waren zaterdag aanwezig bij de herdenking van de ramp in Eindhoven, waaronder Truus Theelen. Het was zaterdag een indrukwekkende herdenking voor de nabestaanden. Truus Theelen was samen met twee van haar drie kinderen en enkele van haar kleinkinderen in Eindhoven aanwezig om haar man te gedenken, zoals elk jaar op 15 juli. ,,Ik ga altijd naar de herdenking. Dit jaar was het tien jaar geleden, waardoor het drukker was dan in andere jaren, maar de herdenkingsceremonie week niet veel af van voorgaande keren. Iedereen was er zaterdag, ook de zeven zwaargewonden die tien jaar geleden de ramp overleefd hebben", kijkt Truus terug. ,,Het blijft voor mij elke keer weer een emotionele gebeurtenis, al zeg ik soms tegen mezelf dat ik deze keer alles over me heen moet laten komen en rustig moet blijven. Ik heb het plotselinge overlijden van mijn man inmiddels een plekje kunnen geven, maar als de 15e juli dichterbij komt, krijg ik het elk jaar toch weer moeilijk. Tijdens de herdenking heb ik steeds het gevoel alsof het ongeluk gisteren nog gebeurd is en komt alles weer heel dichtbij." NABESTAANDENHet jaarlijkse contact met de nabestaanden doet Truus goed. Bij de ramp met het Hercules transportvliegtuig verongelukten dertig van de 37 leden van het fanfarekorps van de Koninklijke Landmacht. Onder hen ook adjudant Joop Bakker uit Boxtel, de tweede kapelmeester van het fanfarekorps. De nabestaanden bestaan grotendeels uit ouders die hun kind verloren hebben bij de Hercules-ramp, terwijl Truus haar echtgenoot verloor.,,In het begin kwamen de nabestaanden heel vaak samen om hun ervaringen uit te wisselen en steun bij elkaar te zoeken, maar na verloop van tijd verwatert dat contact. Toch blijft het fijn om iedereen weer te zien tijdens de herdenking. Het is dan wel tien jaar geleden, maar het blijft fijn om je gevoelens te kunnen delen met anderen." De maand juli is voor Truus vooral de maand van het tragische vliegtuigongeluk, maar ook die van de verjaardag van haar overleden man (26 juli) en haar trouwdag (27 juli). ,,Ik ben altijd blij als die maand weer voorbij is. Niet alleen vóór 15 juli, maar ook daarna is het emotioneel zwaar voor me", zegt Truus, die de gebeurtenissen op die tragische dag in 1996 nog makkelijk voor de geest kan halen. ,,Die dag staat voor altijd in mijn geheugen gegrift. De vrouw van de dirigent van het korps belde die dag dat er een vliegtuig was neergestort in Eindhoven, maar toen wisten we nog niet zeker of dat het Hercules-toestel van het fanfarekorps was. Toen ging mijn dochter kijken of er iets over het ongeluk op teletekst stond en dat was zo. Op dat moment wisten we dat het om het vliegtuig ging waarin ook Hans zat. Maar toen hadden we nog hoop dat alles goed zou komen." CRISISCENTRUMHet Hercules-toestel stortte op 15 juli 1996 neer om iets over zes in de avond. Truus: ,,Rond half acht kregen we telefoon, waarbij ons medegedeeld werd dat we naar het crisiscentrum in Eindhoven moesten komen. Daar arriveerden we binnen een half uur, waar we samen met ouders, familieleden en partners van de inzittenden moesten afwachten. Die onzekerheid was vreselijk. Uren hebben we zitten wachten totdat rond half een in de nacht bekendgemaakt werd dat de dierbaren van de mensen die nog in het crisiscentrum waren het niet gered hadden. Toen brak de hysterie los."Truus beschrijft dat ogenblik als een vreselijk moment dat ze nooit meer zal vergeten. ,,Toch kon ik toen nog niet helemaal bevatten dat Hans er niet meer was. Dat besef kwam pas twee dagen later toen bij de herdenkingsbijeenkomst de namen werden opgelezen. Er moest die dagen zoveel geregeld worden, maar ik kon helemaal niks, mijn kinderen hebben dat toen op een fantastische manier op zich genomen." Het eerste jaar na de dood van haar echtgenoot, die Truus beschrijft als een echte levensgenieter, heeft de Boxtelse beleefd in een roes. ,,Ik was verdoofd. Er waren zoveel contactbijeenkomsten en vele mensen toonden hun medeleven. Als nabestaanden werden we toen in feite geleefd, want er kwam heel veel op ons af. Natuurlijk was alle aandacht heel goed bedoeld, maar op een gegeven moment wilde ik vooral met rust gelaten worden. De hele nasleep van de ramp heb ik als zwaar en vermoeiend ervaren", zegt ze. ,,We werden goed opgevangen door hulpverleners en de aalmoezenier van defensie om het verlies te verwerken. Ook werden we goed op de hoogte gehouden van alle onderzoeken die gehouden werden en rapporten die verschenen over de ramp. Als je hoort dat er veel fout is gegaan en dat de hulpverlening te laat op gang was gekomen, is dat vreselijk. Je beseft dan dat de inzittenden nog gered hadden kunnen worden. Ik kan me daar nog heel kwaad over maken, maar het heeft geen zin, je kunt de zaken helaas niet meer terugdraaien. En juist dat doet zo'n pijn." LIMBURGTruus vertelt over de laatste keer dat ze haar man sprak via de telefoon, één dag voor de ramp, en de dag dat hij het huis verliet om samen met het muziekkorps koers te zetten naar Italië. Herinneringen die nooit meer zullen vervagen. Toch heeft ze in de jaren na de ramp haar draai weer enigszins gevonden.,,Mijn drie kinderen en zes kleinkinderen wonen hier in de buurt. Als dat niet het geval was geweest, zou ik waarschijnlijk weer teruggegaan zijn naar Weert, waar ik vandaan kom. Hans en ik zijn Limburgers, in die provincie ligt mijn hart en daar is mijn thuis. Al heb ik het in Boxtel ook uitstekend naar mijn zin, want hier liggen ook veel herinneringen van mij en Hans. Hoewel ik zijn dood een plaats heb kunnen geven, zal de pijn nooit weggaan. De littekens blijven, voor altijd."
OP DE FOTO: Hans Theelen strak in het gelid. (Foto: collectie familie Theelen).
|
20 juli 2006
|