NGA EN LON NGUYEN BLIKKEN TERUG OP OPVANG IN BOXTEL
’Opvang in het land van kaas, melk
en klompen’
OP DE FOTO: Nga (links) en Lon Nguyen blikken met hun toenmalige gastouders Paul en Leni Simons uit Lennisheuvel terug op een bijzondere periode.
De Verenigde Staten zijn het beloofde land. Maar ook Koeweit, Beiroet en Frankrijk zijn in beeld. Het lot bepaalt echter dat Loc van Nguyen met zijn gezin naar Nederland mag reizen. Na een vlucht vanuit een door oorlog, corruptie en communisme gedomineerd Laos naar Thailand en een verblijf in talloze vluchtelingenkampen, brengt een vliegtuig het van oorsprong Vietnamese gezin naar Schiphol. Op 8 juli 1979, vandaag precies 25 jaar geleden, brengt een bus hen naar Boxtel. Locs dochters Nga (36) en Lon (27) blikken met hun toenmalige gastouders Paul en Leni Simons uit Lennisheuvel terug op een bijzondere periode.
Het voormalige missiehuis en internaat Sint-Theresia bij kasteel Stapelen biedt van juli 1979 tot juli 1981 onderdak aan 144 Vietnamese vluchtelingen. De eerste groep bestaat in totaal uit veertig mensen, onder wie het gezin Nguyen. Een week later arriveert een tweede groep van veertien vluchtelingen. Later melden zich nog meer groepen. Dan gaat het om bootvluchtelingen, die opgepikt worden door westerse schepen en onderdak wordt aangeboden in Europa en de Verenigde Staten. ,,Wij waren geen bootvluchtelingen”, benadrukt Nga. ,,Mijn ouders waren met ons vanuit Laos naar Thailand gevlucht. Van daaruit konden we met het vliegtuig naar Nederland.”
OP DE FOTO: Lon (links) en Nga Nguyen poseren voor het voormalige missiehuis Sint-Theresia op Stapelen. Vijfentwintig jaar geleden vluchtten ze met hun ouders, broers en zussen naar Nederland en kwamen ze in Boxtel terecht.
Het weerzien met Thailand, enkele jaren geleden, was voor Lon een emotionele kennismaking met het land dat ze in 1979 op tweejarige leeftijd had verlaten. Het past bij de verhalen over de verschrikkingen die het gezin Nguyen moest doorstaan in de periode voordat een vliegtuig hen naar Nederland bracht. Nga vertelt dat haar Vietnamese ouders hun door oorlog en armoede geteisterde moederland hadden verlaten om in buurland Laos een beter bestaan op te bouwen. Dat lukte; vader Nguyen slaagde erin een bloeiend autobedrijf op te zetten.
Nga: ,,De naweeën van de oorlog, de corruptie en het communisme dwongen onze ouders uiteindelijk te vluchten, hoewel vader dit zolang mogelijk heeft tegengehouden. Hij kon niet verkroppen dat hij zijn bedrijf achter zou moeten laten en met niets naar Thailand zou moeten gaan.” Uit vrees voor inlijving in het leger van Laos sloeg vader Loc met zijn vrouw en zes kinderen op de vlucht. ,,Het beetje geld dat we hadden werd in onze kleren genaaid. Op blote voeten zochten we door de jungle de weg naar Thailand. Moeder had de kleinste kinderen, onder wie Lon, met medicijnen verdoofd zodat ze onderweg stil zouden zijn. Ieder geluid kon fataal zijn en ons verraden.”
OP DE FOTO: Loc Nguyen en zijn vrouw (achterin) zijn zojuist met hun kinderen gearriveerd op Stapelen. Bij de opvang was ook vrijwilligster mevrouw Van Oers betrokken. Op de foto rechts zorgt zij voor het eerste kopje koffie op Boxtelse bodem. (Archieffoto Brabats Centrum).
KOUD LANDJE
De vlucht naar Thailand betekende allerminst een verbetering van de leefomstandigheden. Na geruime tijd voor de poort van een vluchtelingenkamp te hebben gebivakkeerd, werd het gezin Nguyen toegelaten. In een van de kampen werd vader Loc gemarteld; hij heeft nog steeds last van de elektrische schokken die hij kreeg en is al geruime tijd arbeidsongeschikt. Nga: ,,In die periode kwam personeel van allerlei ambassades in de kampen om vluchtelingen op te halen. Ik herinner me dat het ons niets uitmaakte waar we heen konden. Koeweit, Beiroet, Frankrijk, alles passeerde de revue. De Verenigde Staten waren het beloofde land. Dat Nederland uit de bus kwam was in eerste instantie een teleurstelling. Een heel klein koud landje dat we kenden van klompen, kaas en melk.”
Leni Simons (63) uit Lennisheuvel herinnert zich dat dorpspastoor Jos Planken haar benaderde voor de rol als vrijwilligster bij de Vietnamese vluchtelingen op Stapelen. Het feit dat ze met haar man Paul (61) regelmatig pleegkinderen opving zal de doorslag hebben gegeven, zo denkt ze. ,,In kort tijdsbestek moesten de vrijwilligers de kamers in het missiehuis in orde maken. Ik herinner me als de dag van gisteren hoe de vluchtelingen aankwamen in Boxtel. Het was een heel emotioneel moment, ik heb verschrikkelijk staan brullen. De mensen kwamen aan met niets, ze gaven zich helemaal aan ons over.” Het viel niet mee om contact te maken, totdat Leni flesjes Coca Cola, een van de symbolen van ’het vrije westen’, te voorschijn toverde. ,,Cola kenden ze allemaal.”
In het vroegere missiehuis beschikte het gezin Nguyen over twee kamers, die alleen via de gang bereikbaar waren. Lon was toen 2 jaar en herinnert zich slechts vage beelden, zoals de lange gangen en de speelhoek. Nga was een stuk ouder en weet nog dat ze de zolder van het missiehuis heel eng vond. ,,We dachten dat er demonen zaten”, grinnikt ze. In de eerste weken werden de maaltijden gebracht door een Chinees restaurant, later moesten de vluchtelingen zelf koken. Leni: ,,De overheid gaf ieder gezin een pakket met huishoudelijke producten, zoals potten en pannen.”
OP DE FOTO: Lerares Patty van de Bosch geeft de Vietnamese vluchtelingen les over omgaan met Nederlands geld. (Archieffoto Brabants Centrum).
STOFZUIGER
Het wennen aan de dagelijkse dingen van een moderne westerse samenleving ging niet van een leien dakje. De bediening van een gasfornuis was bij geen van de Vietnamezen bekend en binnen de kortste keren rook het overal in het missiehuis naar gas. Nga: ,,Toen Leni ging stofzuigen rende iedereen keihard weg of sprong op tafel. We waren bang van dat apparaat. We hadden het nog nooit gezien.” Met hulp van de vrijwilligers werd kennisgemaakt met de Nederlandse samenleving. Kort na hun komst in Boxtel brachten de vluchtelingen een bezoek aan de weekmarkt, het postkantoor en supermarkt Weltevreden. Het was een inburgeringscursus avant la lettre.
De contacten die Leni en Paul met het gezin Nguyen onderhielden werden nog inniger toen baby Son in het ziekenhuis overleed. Het jongste broertje van Nga en Lon verbleef met zijn zieke moeder in het ziekenhuis toen het dood in zijn bedje werd aangetroffen. ,,Als je zo’n emotionele gebeurtenis samen deelt, dan worden de banden verder versterkt”, vertelt Leni. Ze herinnert zich de indrukwekkende afscheidsdienst voor Son, waaraan het kinderkoor van Lennisheuvel medewerking verleende. Het Lennisheuvelse echtpaar werd het gastgezin voor de kinderen Nguyen en er ging welhaast geen weekeinde voorbij of alle kinderen werden door Paul opgehaald. Nga, lachend: ,,Het was elke keer weer lachen gieren brullen om met z’n allen in Pauls veel te kleine Simca te kruipen en naar Lennisheuvel te rijden.”
In de maanden na de komst naar Boxtel kreeg het leven voor Nga en Lon vaste kaders. Lon bezocht de crèche, Nga ging net als veel andere Vietnamese kinderen naar de Sint-Petrusschool. ,,In Laos had ik geen scholing gehad”, vertelt Nga. ,,Ik vond het heerlijk om naar school te gaan. In bijlessen kregen we met z’n allen extra lessen in taal en schrijven.” Na school was er voldoende tijd om te spelen rond kasteel Stapelen. In de winter werd gesleed en geschaatst. Zowel de slee als de schaatsen kregen Nga en Lon tijdens een uitzending van het befaamde kinderprogramma Stuif Es In eind 1979, waarin ze met hun broertjes en zusjes een liedje uit Laos mochten zingen.
OP DE FOTO: Het college van B. en W. brengt in oktober een werkbezoek aan de Vietnamese vluchtelingen op Stapelen. Van rechts naar links burgemeester Paul Pesch en de wethouders Louis Kallen, Frans van der Pasch, Bets van Hettema en Piet Hendriks. (Archieffoto Brabants Centrum).
TWEEDE THUIS
Na ongeveer een jaar kreeg het gezin Nguyen een nieuwe woning toegewezen in de Puccinistraat in Boxtel-Oost. Daar woonden ze langdurig, totdat moeder Nguyet in 1992 overleed. Vader Loc is inmiddels hertrouwd en woont nog altijd in Boxtel. Nga en Lon komen net als hun broers en zussen nog regelmatig over de vloer bij Paul en Leni in Lennisheuvel. Het is hun tweede thuis geworden.
De herinnering aan Laos en Thailand is blijven hangen, vooral bij Lon. ,,Ik voel me nog altijd Laotiaans of Vietnamees, hoewel ik natuurlijk heel erg Nederlands ben.” Ze is getrouwd met een Nederlandse man, woont in Boxtel en werkt als personeelsfunctionaris bij de Stichting Voorzieningen Lichamelijk Gehandicapten in Rosmalen.
Nga, die eveneens getrouwd is met een Nederlandse man en als gediplomeerd pedicure werkt in Veghel, voelt zich op en top Nederlands en merkte toen ze terugkeerde in Vietnam dat ze eigenlijk heel weinig binding had met haar moederland. ,,Ik had continu het gevoel dat ik een vreemdeling was, ik hoorde er niet thuis. Ik ben blij dat ik hier in Nederland ben opgegroeid.”
De twee zussen beseffen dat hun leven er heel anders had uitgezien als ze 25 jaar geleden niet naar Nederland gevlucht waren. Lon moet lachen als ze daaraan denkt. ,,Dan waren we waarschijnlijk uitgehuwelijkt, hadden we tien kinderen en woonden we op een boerderijtje met rijstvelden. Het is anders gelopen. Gelukkig maar.”
OP DE FOTO: Afscheid van Stapelen. In juli 1981 sluit het opvangcentrum haar deuren. Voor de laatste bewoners wordt en reünie georganiseerd. De oud-Hollandse spelen mogen niet ontbreken... (Archieffoto Brabants Centrum).