MASSALE BELANGSTELLING VOOR HISTORISCHE STOET
Boxtel loopt uit voor zonovergoten Bloedprocessie

OP DE FOTO: De bruidjes van de Heilig Bloedprocessie zingen aan de voet van de Sint-Petrustoren.
Een bijna complete Heilig Bloedprocessie heeft op Drievuldigheidszondag (6 juni) vele duizenden bezoekers naar Boxtel gelokt. Ingetogen trok de historische stoet door de straten van de Boxtelse dorpskom. Slechts twee loopgroepen werden wegens een gebrek aan deelnemers niet opgesteld en daarmee toonde de organisatie zich zeer tevreden. ,,Ook dit jaar melden de laatste deelnemers zich een half uur voor vertrek”, zegt Toon Slaats van het Heilig Bloedcomité kort voor aanvang.
De hectiek die tussen een en drie in de Sint-Petrusschool aan de Burgakker heerst staat in schril contrast met de rust die uitgaat van de processie. De serene rust die de honderden deelnemers aan de processie tijdens hun vrome rondgang door Boxtel uitstralen is tijdens het omkleden en schminken ver te zoeken. Onder het genot van een glaasje bier of een zakje chips worden herinneringen opgehaald aan voorgaande edities. ,,Ieder jaar terugkomen heeft iets van een reünie. Kijk, daar hangt al een affiche met de datum van 22 mei 2005. Dan is het weer Bloedprocessie. Die datum noteren we nu al in de agenda om te voorkomen dat we op vakantie zijn”, zegt een van de deelnemers.
Kort voor drie uur haasten leden van de schrijndragers zich naar de Sint-Petruskerk om de schrijn met de heilige bloeddoeken te halen. ,,Zeker vergeten!", klinkt het spottend. Klopt niets van, reageert Peter van Zoest namens de schrijndragers, die dit jaar het vierde lustrum viert. Volgens Van Zoest had de Heilig Bloedstichting verzuimd het schrijn naar de Sint-Petrusschool te brengen. ,,Enkele schrijndragers hebben het even voor drieën nog in de Sint-Petruskerk opgehaald en ook nog gecontroleerd of de Heilig Bloeddoek zich in de 'bursa' bevond. We hebben nu afgesproken dat wijzelf voortaan zorg zullen dragen voor tijdige overbrenging van het schrijn naar de Sint-Petrusschool."

OP DE FOTO: De Verspieders passeren de Markt en vervolgen hun tocht in de Clarissenstraat.
GEEN GEBREK
Toon Slaats van de Heilig Bloedstichting is verheugd over het aantal deelnemers dat zich dit jaar weer heeft gemeld voor de processie. Moest hij in andere jaren regelmatig noodoproepen plaatsen in de krant, dit jaar zijn alle groepen goedgevuld, met uitzondering van de boetebedevaartgangers en de dames korenaren. ,,Die doen dit jaar niet mee vanwege een gebrek aan deelnemers. Voor de rest mogen we dit jaar helemaal niet mopperen”, zegt Slaats.
Dat wel enige creativiteit vereist is om alle loopgroepen te vullen blijkt uit de woorden van Wilbert Meirmans. Meirmans behoort tot de vaste groep vrienden die ieder jaar weer de verspieders spelen. ,,Dit jaar moeten we vijf mensen missen. Die spelen allemaal in hetzelfde hockeyteam en die hebben vandaag een hele belangrijke wedstrijd. Ze kunnen hun team niet in de steek laten.”
Nadat Meirmans een vergeefse poging heeft gedaan de verslaggever van deze krant over de streep te trekken, blijkt dat hij een bezoeker uit Apeldoorn heeft gecharterd voor een rol als verspieder. Het blijkt om Ton van der Gaag te gaan. ,,Ach, ik ben op bezoek bij een vriend in Boxtel die ook meeloopt met de verspieders en ik vind het eigenlijk wel leuk om mee te doen. Ik weet bij God niet wat me te wachten staat, maar ik zie het wel. Ik moet geloof ik ook nog een stukje tekst van buiten leren”, lacht Van der Gaag.
ASIELZOEKERS
Als de processiedeelnemers zich hebben opgesteld en de klokken van de Sint-Petrustoren beginnen te luiden, gaat de stoet op pad. Voorop twee onrustige paarden en trommelaars, die op de Markt moeten constateren dat het publiek rijendik staat. Kort daarvoor had een van de tamboers zich nog laten ontvallen dat het tegenvalt met de belangstelling. ,,Bij de Tour de France in 1996 was het drukker. En dat duurde maar zeventien seconden...”, klonk het op de Burgakker.
Op de Markt staat het Boxtelse echtpaar Egbert en Martine van der Laan. Ze weten zich vergezeld van veertien asielzoekers uit Afrika, waarmee ze intensieve contacten onderhouden. De jongens en meisjes komen uit landen als Burundi, Angola, Kameroen en Togo. ,,Het is een groep mensen voor wie het katholieke geloof heel belangrijk is”, licht Van der Laan hun aanwezigheid toe. De mensen blijken afkomstig uit centra in Eindhoven en Veldhoven, die eenmaal per week met de familie Van der Laan samenkomen om te bidden of te praten over het geloof.
,,Dit weekend hebben we een bezinningsweekend bij de zusters Oblaten in de Prins Hendrikstraat. Gisteren hebben we in Boxtel een speurtocht gedaan en zijn we naar het beeld van Eligius van den Aker gegaan”, vertelt Van der Laan. Zondag werd de eerste mis van neomist Juan van Eijk in de Sint-Petruskerk bijgewoond; ook tijdens de receptie in de pastorietuin ontbraken de Afrikanen niet. ,,Met het bezoek aan de Bloedprocessie willen we deze mensen laten zien dat de kerk nog leeft in Nederland. Vooral in Boxtel gaat het nog niet zo slecht met het kerkbezoek. Dat geeft deze jonge mensen die moederziel alleen in Nederland terecht zijn gekomen weer enig houvast”, vervolgt de Boxtelaar.

OP DE FOTO: Beeld uit de Heilig Bloedprocessie.
EMIGRANT JOS VAN LEENT NA 47 JAAR TERUG IN BOXTEL
’Bloedprocessie is bedevaart
naar mijn jeugd’

OP DE FOTO: Oud-Boxtelaar Jos van Leent bezocht vorige week de paskamer op de zolder van de Sint-Petrusschool, op zoek naar een geschikt tenue voor de Heilig Bloedprocessie.
Als kleine jongen liep Jos van Leent (61) enkele keren mee in de Heilig Bloedprocessie. Bijna 47 jaar nadat de oud-Boxtelaar met zijn ouders Jan en Nellie naar Australië emigreerde, keerde hij voor het eerst terug op zijn geboortegrond. Meedoen aan de Heilig Bloedprocessie was zondag 6 juni niet meer dan vanzelfsprekend. ,,Ik ben Australiër, maar ik voel me Brabander.”
Een ernstige ziekte deed Van Leent weer verlangen naar het dorp waar hij werd geboren, waar hij de Sint-Petrusschool en de Franciscusschool bezocht en waar hij de mis diende in de Sint-Petruskerk en de Heilig Hartkerk. Een ingrijpende operatie was nodig om Van Leents leven te redden, de komende jaren zal hij iedere zes maanden gecontroleerd worden en wordt duidelijk of de ziekte ook echt met succes is bestreden. ,,Toen ik in het ziekenhuisbed lag besefte ik dat ik Boxtel nog eens wilde zien.”
Het gaat ogenschijnlijk weer goed met Van Leent. Gebruind door de Australische zon was hij de voorbije weken regelmatig te vinden op allerlei plekjes die herinneren aan zijn onbezorgde jeugd in Boxtel. Vorige week nog stond hij stil bij de Sint-Petruskerk waar het beeld staat van Eligius van den Aker, de priester die ergens voor 1380 een kelk met miswijn omstootte en daarmee de basis legde voor het Boxtelse bloedmirakel. ,,Boxtel is veel kleiner dan in mijn herinnering. De Dommel is geen brede rivier, maar een smal beekje.”
Toen Van Leent hoorde dat de Heilig Bloedprocessie weer door de straten van zijn geboortedorp zou trekken, schakelde hij prompt familieleden in Oss in om hem in te schrijven. Vorige week klokte hij in op een van de pasavonden in ’zijn’ Sint-Petrusschool, zondag liep hij mee in de devote stoet. ,,Ik denk dat ik voor de emigratie uit religieuze overwegingen meeliep”, zegt Van Leent. ,,Nu is het een eerbetoon aan de Boxtelse geschiedenis en vooral een bedevaart naar mijn jeugd. Ik ben niet zo religieus.”
De oud-Boxtelaar kreeg tijdens de pasavonden een tenue aangemeten van een van de begeleiders van koning David. Zondagmiddag volgde het officiële omkleden, het schminken en het bijpraten met al die andere deelnemers. ,,De herinnering aan Boxtel komt helemaal terug”, vertelt Van Leent. Dat hij in een soort jurk over straat moet, doet hem ook grinnikend aan het thuisfront in Australië denken. ,,Als mijn vrouw me nu zo zou zien, zou ze me nooit meer naar Boxtel laten gaan.”

OP DE FOTO: De groep rond koning David in de Clarissenstraat. Rechts Jos van Leent.
NIEUWE START
Toen Van Leents ouders besloten te emigreren was dat om een betere toekomst op te bouwen. Toen verhuizen naar Canada niet mogelijk bleek, viel de keus op Australië. ,,Mijn ouders wilden een nieuwe start maken, weg van de voortdurende oorlogsdreiging hier in Europa.” Met de kinderen Jos, Henk, Chris (ruim een decennium geleden verongelukt bij een verkeersongeval in Australië – red.) en Ankie stapten vader en moeder Van Leent eind 1957 aan boord van het bekende schip Johan van Oldebarneveldt, dat hen na een zeereis van zes tot acht weken naar de andere kant van de wereld bracht.
Onderweg passeerden ze het Suez-kanaal dat een jaar eerder door het Egypte van Nasser was genationaliseerd en het brandpunt vormde van de crisis in het Midden-Oosten. ,,Ik herinner me dat we niet of nauwelijks van boord mochten en dat overal gewapende mannen stonden”, blikt Van Leent terug.
Het leven in Australië ging niet over rozen. ,,Als kinderen weet je niet beter, maar ik heb mijn ouders nog nooit eerder zoveel zien huilen als toen. Via Melbourne en Sydney kwamen we terecht in een oud kamp van Nederlandse militairen in Brisbane. Niemand van ons sprak Engels en werk vinden bleek helemaal niet zo gemakkelijk. Ik denk dat mijn ouders toen heel veel spijt hadden van de keuze die ze gemaakt hadden.”
Na de nodige omzwervingen kwam vader Van Leent terecht bij een tabaksfabriek van Philip Morris. Een passende job omdat hij in Boxtel bij de firma Van Susante als sigarenmaker had gewerkt. Later vond hij emplooi bij een textielfabriek, totdat hij op relatief jonge leeftijd stierf. Als oudste zoon moest ook Jos de handen uit de mouwen steken; voor onderwijs was geen ruimte. ,,Ik heb alleen the university of life gevolgd.”
Via de mijnbouw kwam hij terecht in de verpleging. Hij zag kans tal van diploma’s te halen en trad toe tot de vakbeweging voor verplegend personeel in Queensland. Die bond maakt inmiddels deel uit van The Australian Workers Union, waar Van Leent chief executive officer is van de afdeling waaronder alle beroepskrachten in de gezondheidszorg vallen. In die functie is hij verantwoordelijk voor 36.000 mensen.
GEZELLIG EN GROEN
Tijdens zijn verblijf in Nederland kan Van Leent even afstand nemen van zijn drukke baan. Wandelen door Boxtel werkt louterend, zo merkt hij. Gewapend met een fotoboek en herinneringen ziet hij telkens weer gebouwen en straten die hij herkent uit zijn jeugd. ,,Alleen het jeugdhuis Sint-Paulus (thans De Rots – red.) kon ik niet vinden. De hele Nieuwstraat-buurt waar vroeger onbewoonbaar verklaarde huisjes stonden heeft plaatsgemaakt voor nieuwbouw.”
Van Leent voelt zich ook na 47 jaar thuis in Boxtel. Hij volgde het spoor van zijn jeugd en zag de Rechterstraat waar hij geboren was en de Van Hugenpothstraat, de Van Hornstraat en de Frans Staelstraat waar hij opgroeide. ,,Ik kan Boxtel maar met twee woorden omschrijven: gezellig en groen. Als ik het Mariakapelletje aan de Prins Hendrikstraat zie en hoor over de verhalen van vroeger, dan is het of de tijd heeft stilgestaan. Soms is het alsof ik niet ben weggeweest.”
Meedoen aan de Heilig Bloedprocessie maakte Van Leents reis compleet. Zijn echtgenote, die van Schots-Ierse afkomst is, wilde dit keer niet mee. Maar net als zijn drie dochters steunde ze haar man in zijn reis naar zijn roots. ,,Als mijn gezondheid het toelaat én mijn vrouw nog een keer meegaat kom ik zeker nog een keer terug naar Boxtel.”

OP DE FOTO: Jos van Leent (rechts) in gesprek met 'koning David'.