DAKLOZENDOKTER IGOR VAN LAERE

'Voorkomen dat mensen uitburgeren'

OP DE FOTO: Oud-Liempdenaar Igor van Laere ontfermt zich als ambulant huisarts over de dak- en thuislozen in Amsterdam.(FOTO: Rob Hoeboer, Elft)

Wat zijn vader Roger heeft met de Liempdse boerenbevolking, heeft Igor van Laere met de dak- en thuislozen in Amsterdam. Als huisarts van de mensen die in de hoofdstad op straat leven, publiceert Van Laere junior veelvuldig over zijn patiënten en hun problemen. ,,Ik schrijf graag, net als mijn pa. Alleen onze leefwereld verschilt als dag en nacht."

,,Ha Igor, de koffie is bruin." De daklozendokter van Mokum, Igor van Laere (Nijmegen, 1965) wordt joviaal ontvangen door de beheerder van het opvanghuis van het Leger des Heils aan de Oudezijds Voorburgwal. Het is een kille donderdagochtend in de rosse buurt; de keukentafeltjes en -stoelen waarmee het eenvoudig ogende zaaltje kaal is gemeubileerd, worden bevolkt door eenlingen. Gesproken wordt er nauwelijks door de bezoekers, die er stuk voor stuk onverzorgd uitzien. Junks, prostituees, alcoholisten: de mensen zitten veelal versuft en onderuit gezakt voor zich uit te kijken, al dan niet met een plastic bekertje koffie.

Dit is een van de praktijkruimten waar Van Laere en zijn collega's van het Ambulant Medisch Team van de GG&GD in de hoofdstad dagelijks hun spreekuur houden. Achter in het pand is een klein spreekkamertje waar de daklozen behandeld kunnen worden. Als gevolg van verwaarlozing ontstaan bij de zwervers wondinfecties, ziekten aan de luchtwegen, maag en darmen en het bewegingsapparaat. Ongeveer eenderde van de dak- en thuisloze patiënten is verslaafd aan drugs; zo'n zelfde aantal kan niet van de drank afblijven. Daarnaast is een groep mensen weggelopen of voortijdig ontslagen uit psychiatrische instellingen.

Bij een reguliere huisartsenpraktijk is geen of nauwelijks tijd om de specifieke problemen van daklozen goed aan te pakken. Omdat een zwerver zich - net zo goed als andere mensen - druk maakt om zijn gezondheid en ergens met zijn hulpvraag terecht moet kunnen, werden in 1987 in voorzieningen van de zogenaamde 'hulp voor onbehuisden' (HVO) en Leger des Heils door de GG&GD spreekuren voor daklozen opgezet. In overleg met de Amsterdamse huisartsen en een zorgverzekeraar werd vijf jaar later de Dr. Valckenier-praktijk opgericht, vernoemd naar de Valckenierstraat, de uitvalsbasis voor de zogenaamde daklozendokters. Dáár kunnen de patiënten níet op het spreekuur komen; wél in de diverse inloophuizen en sociale pensions van de HVO en het Leger des Heils, waar het Dr. Valckenierspreekuur inmiddels een ingeburgerd begrip is.

,,Op zeven plaatsen in de stad bieden we deze sociaal-psychiatrische en verslavingszorg aan mensen die een zwervend bestaan leiden. Hun levensstijl heeft tot gevolg dat bepaalde aandoeningen vaker en dikwijls in ernstiger vorm voorkomen dan bij de rest van de bevolking", weet Van Laere, die inmiddels acht jaar als daklozendokter in Amsterdam werkzaam is.

HET ZWAKKE GESLACHT
In de loop van de tijd heeft de in Liempde opgegroeide zoon van de plaatselijke huisarts veelvuldig in de vakliteratuur maar ook elders gepubliceerd over de ziekteproblemen van zijn doelgroep en de aanpak daarvan. ,,Velen zien de ziekten bij zwervers en daklozen als een randverschijnsel, omdat het een betrekkelijk kleine groep is. Ik denk dat we het hier in Amsterdam over ongeveer 2.500 dak- en thuislozen hebben, waarvan ruim driehonderd 'buitenslapers'. Hoofdzakelijk mannen van Nederlandse afkomst met een gemiddelde leeftijd van circa 45 jaar', aldus Van Laere. Grinnikend: ,,Tja, het zwakke geslacht hè. Mannen kunnen nu eenmaal niet zo goed voor zichzelf zorgen. Ook onderhouden ze minder of in ieder geval moeilijker sociale contacten."

Of het aantal daklozen toeneemt, vindt Van Laere moeilijk in te schatten . ,,Er vindt geen registratie plaats. Ik zie wel steeds nieuwe gezichten; er is instroom uit alle lagen van de bevolking. Je treft hier ingenieurs, maar net zo goed bouwvakkers. Het meeste maak ik me zorgen om het groeiend aantal 60-plussers dat op straat terecht komt. Ik denk dat er maar weinig écht lang buiten slapen omdat ze kwetsbaar en mogelijk sneller ziek zijn, komen ze mogelijk eerder in de opvanghuizen terecht. Zij zijn sowieso al trager en kwetsbaarder en kunnen moeilijker aan hun dagelijkse portie alcohol of verdovende middelen komen. Dat leidt tot échte probleemgevallen. Want ja, drank en drugs houden warm. De verslaafden raken erdoor bedwelmd en voelen zo geen kou, geen pijn. En geen verdriet."

SCHAAMTE
De reden waarom mensen op straat gaan leven lopen uiteen. ,,Tien procent van de mensen kan niet voldoen aan hetgeen van ze verwacht wordt. Onze maatschappij is doorgeslagen. Er wordt vanuit gegaan dat iedereen zijn eigen broek op kan houden. Onzin natuurlijk, sommigen hebben nu eenmaal zorg nodig." Dat het vooral mannen zijn die zonder dak boven hun hoofd verder leven, is in de ogen van Van Laere niet verwonderlijk. ,,Mannen hebben meer dan vrouwen een gevoel van schaamte als ze noodgedwongen om hulp moeten vragen, als ze moeten toegeven dat ze het in hun eentje niet redden. Ze 'kiezen' liever voor een leven in eenzaamheid als ze hun baan kwijtraken of de hypotheek niet meer kunnen opbrengen na een scheiding."

Het gegeven dat steeds meer mensen alleenstaand door het leven gaan, het toenemend individualisme en de vergrijzing zijn niet bevorderlijk voor het tegengaan dat mensen (letterlijk) in de goot terechtkomen. Het zijn risicofactoren waarop in de ogen van Van Laere niet ingespeeld wordt. ,,In deze verzakelijkte maatschappij wordt het sociale kapitaal uitgehold. De rol van kerk- en vrouwenorganisaties - bij uitstek instanties waar de samenleving jarenlang op heeft gedraaid - neemt af door gebrek aan vrijwilligers. Er komt alleen consumptie en plat amusement voor in de plaats. Veel mensen verliezen steeds vaker het contact met anderen. Terwijl de omgang met mensen die je kent zo belangrijk is; het maakt het gevaar voor uitval veel geringer", stelt de daklozendokter. Het verlies van kleinschaligheid is volgens hem 'killing'. ,,Ik kom nog regelmatig in Liempde. Iedereen kent er elkaar en op straat word je steevast gegroet. De kans dat je dakloos wordt, is er veel geringer dan in de stad."

Van Laere benadert dakloosheid graag vanuit historisch perspectief. Hij vraagt zich af waarom iemand dakloos is geworden en betrekt in die vraag ook de sociale omgeving en/of de familie van de persoon. Daarnaast verdiept de arts zich breder in het probleem van de daklozen; twee dagen per week doet hij onderzoek naar preventie van dakloosheid. Ook geeft Van Laere les aan de universiteit. Welke groep mensen met welke problemen loopt het meeste risico om op straat terecht te komen? Waarom raakt de ene verslaafde in versukkeling en de andere niet? Het zijn vragen waarop de daklozendokter het antwoord inmiddels deels wel kent. ,,Onze hersenen zijn geprogrammeerd op behoefte aan warmte, genegenheid, veiligheid. Als je die vanaf je geboorte niet meekrijgt, is de kans aanzienlijk groter om dakloos te worden", stelt Van Laere.

De daklozendokter vindt zijn werk uitermate boeiend. ,,In deze doelgroep komen alle problemen van de maatschappij samen. Aan de hand van mijn patiënten kan ik een diagnose van de samenleving maken en wordt het voor mij al snel duidelijk dat de Nederlandse gezondheidszorg de bestrijding en aanpak van daklozen verkeerd aanpakt. Het is vooral een kwestie van 'pappen en nathouden'; er wordt alleen naar de symptomen gekeken, niet naar de oorzaken. Gezondheidszorg is niet alleen een taak van het ministerie van VWS; het speelt ook op het gebied van onderwijs, volkshuisvesting, verkeer. Maar elk departement zit op een eigen eilandje, er is geen samenhangend beleid en op het gebied van preventie gebeurt te weinig. Daar is volgens mij de nodige medische winst te halen: door te voorkomen dat de mensen op straat komen te staan."

TIME-OUT
Eén van onderwerpen die de oud-Liempdenaar momenteel bestudeert, is de huisuitzetting. ,,Het is treurig als je ziet hoe woningcorporaties en deurwaarders in Nederland mensen op straat zetten. In 2002 handelde het daarbij om ruim 7000 huishoudens. Het ontbreekt compleet aan een grotere visie. Het budget voor volkshuisvesting is in tien jaar tijd teruggeschroefd van 13 naar 5 miljard euro. Sociale huurwoningen worden steeds moeilijker bereikbaar voor de onderkant van de samenleving. Als je hier in Amsterdam kijkt, blijft het woningaanbod enorm achter: er is een wachtlijst van zeven jaar voor starters. Zéven jaar!"

De sociale opvang in Nederland beperkt zich in de ogen van Van Laere vooral tot mensen met kleine kinderen en ouderen zonder werk. De overige burgers moeten het zelf zien te rooien en dat is volgens de daklozendokter een illusie. ,,Zoals gezegd: zeker één op de tien mensen kan niet zonder zorg. Was die zorg er wel, dan zou veel ellende kunnen worden voorkomen."

Van Laere heeft hele concrete ideeën als het gaat om het voorkomen dat mensen op straat gaan leven. ,,Ik pleit ervoor om mensen die dakloos worden, een time-out van pakweg drie maanden aan te bieden in een goede, verzorgde omgeving. Zónder hulpverleners die vanuit een woud van opvangregelingen komen toesnellen. Dat aanbod zou in mijn ogen moeten worden verplicht: de persoon kán er dan gebruik van maken. Nu moeten de mensen moeite doen om enkele nachten onderdak per maand te bijeen te sprokkelen. Overal waar men aanklopt gelden andere spelregels (bellen op bepaalde tijden, bonnetjes halen, etc.). Laat iemand eerst maar eens tot rust komen en zich herbezinnen. Geef iemand die verslaafd is en constant te weinig geld heeft, een vastgesteld budget. Zo kun je voorkomen dat mensen 'uitburgeren'. Want wie eenmaal ondergedompeld raakt in het daklozencircuit is voor negentig procent reddeloos verloren."

Van Laere wijst naar het tv-programma Breekijzer. ,,We leven in een enorme bureaucratie; het is vaak heel moeilijk om daar doorheen te breken. Voor mensen die in de war zijn of sociaal gehandicapt, is dat nóg moeilijker. Het valt dan niet mee om je problemen onder woorden te brengen; bovendien overzie je de gevolgen van je handelen niet goed." Zo'n plek waar mensen terechtkunnen voor een time-out zou in de ogen van Van Laere bij iedereen bekend moeten zijn, zodat het eenvoudig is om er binnen te lopen.

Wie met Van Laere een gesprek aanknoopt over zijn vak, constateert al snel een bevlogen man tegenover zich te hebben. Toch is de Amsterdamse daklozendokter niet iemand die de realiteit uit het oog verliest. ,,Het is niet genoeg om de symptomen te bestrijden; de oorzaken van de problemen moeten worden aangepakt. Maar als je over preventie praat, is dat politiek gezien niet 'sexy'. Het is ook moeilijk om aan te tonen welke kosten je door een preventief goed beleid kunt besparen. Bovendien, besparing in ellende van mensen is niet in geld uit te drukken. In Nederland zijn zelfs geen cijfers voorhanden over wat een dakloze de gemeenschap per jaar kost."

TERUG NAAR BRABANT
Kijkend naar de toekomst, verwacht de daklozendokter niet dat hij over twintig jaar nog steeds hetzelfde werk doet. ,,Wel wil ik jonge dokters de weg wijzen. Daarom geef ik ook les aan de universiteit en verzorg ik lezingen in ziekenhuizen en opleidingsinstituten, ook internationaal."

Nadat hij het Jacob-Roelandslyceum in Boxtel met succes had doorlopen, verruilde Van Laere het pittoreske Liempde voor Amsterdam. ,,Ik wist eigenlijk niet wat ik wilde. Ja, van alles en nog wat. Franse literatuur en poëzie studeren, naar de sportacademie, balletdanser worden. Nee, ik ben geen medicijnen gaan 'doen' omdat mijn vader huisarts was. Toevallig lootte ik in voor de studie medicijnen, vandaar."

Twintig jaar woont Van Laere nu in Amsterdam en kent de binnenstad als zijn broekzak. Geen wonder natuurlijk als de Wallen je werkgebied zijn. Toch gelooft de daklozendokter niet dat hij er oud zal worden. ,,Op een gegeven moment heb ik het hier wel gezien. Ooit keer ik terug naar Brabant. Den Bosch lijkt me een mooie stad; daar kan ik misschien nog iets betekenen voor de Meierij." Zijn aandacht zal ook dan waarschijnlijk uitgaan naar daklozen. ,,Eenzaam in Den Bosch is niet veel anders dan in Mokum; er is misschien wel eerder hulp te vinden als je er mee te maken krijgt."




24 december 2003

Print deze pagina

Terug