NATUURMONUMENTEN KIEST VOOR KOERSWIJZIGING

Bezoekerscentrum slaat vleugels uit in Brabant

Met 90.000 tot 100.000 bezoekers is het bezoekerscentrum van Natuurmonumenten in Oisterwijk een van de grootste publiekstrekkers in de regio. Het bezoekerscentrum krijgt een belangrijke functie in het nieuw te vormen aaneengesloten natuurgebied Het Groene Woud. Maar er worden meer ideeën ontwikkeld aan de Van Tienhovenlaan in Oisterwijk. Een gesprek met beheerder Anya van de Ven.

,,Veel musea zullen jaloers zijn op onze bezoekersaantallen”, lacht Van de Ven als ze haar werkplek midden in de Oisterwijkse bossen karakteriseert. De biologe zwaait de scepter over een centrum dat sinds de bouw in 1985 is uitgegroeid van een ideële ontmoetingsplek voor echte natuurliefhebbers tot een belangrijk communicatiecentrum van de Vereniging Natuurmonumenten. Een begrip als ’marketingstrategie’ heeft ook hier zijn intrede gedaan; medewerkers worden onder meer getraind op het werven van leden voor de vereniging. Van de Ven: ,,Ons doel is dat we zoveel mogelijk mensen trekken en ze kennis laten maken met de natuur. Het is niet onze primaire taak om natuurvorsers te lokken.”

Natuurmonumenten heeft in Nederland zes bezoekerscentra, die veelal dienen als toegangspoort voor een nabijgelegen natuurgebied. Het bezoekerscentrum in Oisterwijk is opgezet als informatiecentrum voor bezoekers van de Oisterwijkse bossen en vennen en de Kampina. Maar als het aan Natuurmonumenten ligt, vergroot het centrum zijn verspreidingsgebied en worden activiteiten georganiseerd in heel Noord-Brabant. ,,Dat is een behoorlijke koerswijziging”, erkent beheerder Van de Ven. ,,Waar we vroeger honderd activiteiten organiseerden in Oisterwijk, gaan we er in de toekomst honderd opzetten verspreid over Brabant.”

Dat betekent dat de medewerkers van Natuurmonumenten letterlijk naar buiten moeten gaan. Dat kan alleen wanneer het bezoekerscentrum de openingstijden aanpast. Per 1 november 2004 zal het bezoekerscentrum in Oisterwijk het gehele winterseizoen voortaan op maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag gesloten zijn. ,,Die keuze moeten we maken als we een bredere regio willen bestrijken”, stelt Van de Ven. Een enquête onder bezoekers heeft inmiddels uitgewezen dat velen hier niet blij mee zijn en vrezen dat ze een belangrijk rustpunt tijdens wandelingen of fietstochten zullen missen. ,,De keuze is voor sommige mensen pijnlijk, maar levert geld op om elders in Brabant activiteiten op te zetten”, aldus de beheerder.

KOSTPRIJS
Niet alleen de openingstijden van het bezoekerscentrum worden aangepast. Natuurmonumenten gaat ook geld vragen aan mensen die deelnemen aan workshops en excursies. Vroeger was het heel gewoon om dergelijke activiteiten gratis aan te bieden aan leden en zelfs niet-leden, maar die tijden zijn veranderd. Van de Ven: ,,Dat is nu niet meer vol te houden. Mensen moeten de kostprijs gaan betalen. Dat doen we niet om winst te maken, maar om middelen optimaal te kunnen inzetten voor natuurbescherming.” Per 1 januari 2004 worden de prijzen van excursies en workshops verhoogd.

De manier waarop vanuit het bezoekerscentrum in de toekomst in heel Brabant activiteiten worden opgezet is onderwerp van studie. Twee weken geleden lichtte de beheerder van het bezoekerscentrum in Oisterwijk een tipje van de sluier op tijdens een themadag over Het Groene Woud in Boxtel. Ze sprak over het ontstaan van een ’parelsnoermix’ in nationaal park Loonse en Drunense Duinen, dat uitgaat van ’het kostenbewust maar effectief regelen van natuurcommunicatie’. ,,Het komt erop neer dat informatieverstrekking zich als een olievlek over het gebied verspreid en ondernemers het publiek kunnen informeren over alle mogelijkheden die een natuurgebied in petto heeft”, stelt Van de Ven.

Het project in de Loonse en Drunense Duinen beschouwt Natuurmonumenten als een proef, die mogelijk ook in Het Groene Woud van toepassing kan zijn. Met de aanwezigheid van het bezoekerscentrum in Oisterwijk en oertijdmuseum De Groene Poort in Boxtel beschikt het grote natuurgebied over twee bezoekerscentra. Directeur Ben Huisman van het IVN zette onlangs in Boxtel grote vraagtekens bij de plannen om meer bezoekerscentra rondom Het Groene Woud te bouwen. Van de Ven sluit zich hierbij aan. ,,Bezint eer ge begint”, zegt ze. ,,Gemeenten vinden het vaak leuk voor de herkenbaarheid als er een bezoekerscentrum komt, maar verliezen uit het oog dat zo’n centrum ook geëxploiteerd moet worden.”

GROENE WOUD
In Oisterwijk zal Het Groene Woud een steeds grotere rol binnen het bezoekerscentrum krijgen. Er bestaan plannen om de vaste expositie aan te passen. Op een groot beeldscherm wordt reeds een film vertoond over Het Groene Woud. Ook wordt gewerkt aan een zogeheten ’natuurontwikkelingskalender’ die in beeld gaat brengen welke veranderingen het gebied Banisveld heeft ondergaan. Hier wordt een vroegere vuilstortplaats omgevormd tot nieuwe natuur, compleet met uitkijkheuvel. ,,Ook de excursies houden we erin, bijvoorbeeld de dagtochten met boswachter Frans Kapteijns die tussen de middag bij Nel Dijstelbloem (Roond – red.) aanleggen voor een lunch.”

Het dienstenpakket van het bezoekerscentrum zal ondanks de koerswijziging nauwelijks aangepast worden. In eerste instantie wordt getracht het bestaande aanbod van excursies en workshops met soms nog op te leiden vrijwilligers overeind te houden. ,,We streven ernaar om een mix aan te bieden met activiteiten die goedkoop en duur zijn, sober of compleet met lunch”, zegt Van de Ven. Soms zullen activiteiten van de kalender gehaald worden. Zo staan de kindermiddagen ter discussie omdat ze verliesgevend zijn en niet het grote publiek lokken. ,,We willen inzetten op activiteiten die mensen altijd kunnen doen. Je moet je afvragen of je een kindermiddag moet blijven organiseren als je merkt dat telkens dezelfde groep kinderen komt.”

In de toekomst zal meer geïnvesteerd worden in verdere verdieping van de informatievoorziening. ,,De informatie die wordt aangeboden is makkelijk te begrijpen, zonder dat het oppervlakkig wordt. Mensen die meer willen weten kunnen bij computers bijvoorbeeld doorklikken als ze meer informatie verlangen.”

Daarnaast is er oog voor de jeugd. De kleine kinderen kunnen terecht in een speeltuin naast het bezoekerscentrum, die binnenkort – als zich voldoende sponsors melden – kan worden uitgebreid. Verderop is een spannend speelbos aangelegd, waar oudere kinderen naar hartelust kunnen ravotten en in bomen mogen klimmen. ,,Het speelbos hebben we het Groene Klauterwoud genoemd, naar een idee van een basisschool in Oisterwijk”, licht de beheerder toe.

Communiceren over de natuur blijft vooropstaan in het bezoekerscentrum. Dankzij de allernieuwste technieken kunnen bezoekers op eigen tempo kennismaken met actuele vraagstukken, zoals de omvorming die de bossen thans ondergaan. Het feit dat Natuurmonumenten dood hout laat liggen of kaphout opstapelt, wekt nog altijd verbaasde en soms boze reacties. Van de Ven: ,,Ik sprak laatst iemand die klaagde dat het vandaag de dag zo muf ruikt in het bos. Dan is het onze taak om uit te leggen dat dat juist goed is. Het is het bewijs dat schimmels weer een kans krijgen.”

Het bezoekerscentrum van Natuurmonumenten aan de Van Tienhovenlaan 5 in Oisterwijk is geopend van dinsdag tot en met zondag van 10.00 tot 17.00 uur. Het centrum is op maandag gesloten.




20 november 2003

Print deze pagina

Terug