![]() |
WIELERTALENT KOEN DE KORT KIJKT UIT NAAR NK
'Tour de France rijden is een droom van mij'![]() Hoewel hij in feite in een semi-prof wielerploeg rijdt en een vaste vergoeding ontvangt, voelt hij zich nog steeds amateurwielrenner. ,,Ik rijd nu in het trade 3-team van de Rabobank wielerploeg, waarmee we in de kleinere profkoersen uit mogen komen. Het is eigenlijk een soort opleidingsteam voor het profteam van de Rabobankploeg", zegt het 20-jarige wielertalent Koen de Kort uit Liempde, die dit jaar veel indruk maakt, onder meer met zijn derde plaats in het eindklassement van de hoog aangeschreven etappekoers Olympia's Tour. De Kort schreef bovendien het jongerenklassement op zijn naam. Komende zaterdag 28 juni hoopt de Liempdenaar opnieuw hoge ogen te gooien tijdens het Nederlands kampioenschap wielrennen in Rotterdam. In de woning van de familie De Kort aan de Dennendreef in Liempde zijn de blauwe trui van het jongerenklassement en een paar bekers de stille getuigen van de successen die zoon Koen eind mei in Olympia's Tour boekte. In een van de kasten in de woonkamer staan nog veel meer trofeeën die het wielertalent tot dusverre in zijn loopbaan veroverde. ,,Ik ben heel blij met de derde plaats en de eerste plaats in het jongerenklassement van Olympia's Tour, vandaar dat ik de trui en de bekers nog even in de kamer laat staan. Die ronde was voor mij een wedstrijd waarin ik heel graag wat wilde laten zien. Bovendien is de koers toch een beetje op mijn lijf geschreven met onder meer een tijdrit en de rit door de heuvels in Zuid-Limburg. Tijdrijden beheers ik vrij goed en met korte steile klimmetjes kan ik met de besten mee", aldus De Kort. ,,Tijdens belangrijke wedstrijden in Nederland zoals Olympia's Tour, waarvoor de media-aandacht groot is, ben ik op een of andere manier nog scherper dan voor andere koersen. Heel leuk was dat Studio Sport elke dag samenvattingen van de verreden etappes liet zien en dat mijn naam een aantal keren genoemd werd. Veel mensen hebben die beelden gezien. Ik heb dan ook veel positieve reacties gehad van collega's, familie en vrienden." ONTWIKKELINGDe Kort verdedigt intussen zo'n vijf jaar de kleuren van de Rabobank-wielerploeg, waarvan twee als junior en drie als amateur. De Liempdenaar is te spreken over de ontwikkeling die hij doormaakt; vooral over dit seizoen is hij tevreden. ,,Ik merk dat ik vooruit ga en steeds beter ga fietsen. Nee, het is overdreven om te zeggen dat ik nu in de vorm van mijn leven verkeer. Mijn absolute topvorm moet ik nog bereiken. Het kan nog veel beter. Ook mijn ploegleider (ex-profwielrenner Nico Verhoeven,- red.) vindt dat er nog veel meer in zit."De Liempdenaar baalt ervan dat hij dit jaar nog geen wedstrijd gewonnen heeft. ,,Dat vreet wel een beetje aan me. Als ik prof wil worden, dan moet ik toch meer koersen gaan winnen. Wel heb ik met veldrijden een cross gewonnen, maar op de weg heb ik weliswaar veel ereplaatsen bij elkaar gefietst, maar helaas nog geen zege behaald." Een van de redenen dat De Kort bij de amateurs nog niet veel wedstrijden gewonnen heeft, heeft volgens hem te maken met zijn eindspurt. ,,Ik moet werken aan mijn sprint. Als ik met een groepje alleen aankom ben ik in staat om naar de zege te spurten, maar ik bemoei me niet met massasprints. Ik ben niet in de wieg gelegd voor al dat geduw en getrek in de laatste kilometer." Hoewel De Kort zijn sprintkwaliteiten moet verbeteren, is hij redelijk allround en naar eigen zeggen ook een klassementsrenner. ,,Ik kan redelijk klimmen, in waaiers rijden en goed tijdrijden. Ook in het hooggebergte kan ik redelijk meekomen. Onlangs nam ik deel aan een wielerronde in de Spaanse Pyreneeën, waar veel geklommen moest worden, tot een hoogte van ruim tweeduizend meter. Een voordeel is ook dat ik snel herstel van zware inspanningen; heel belangrijk als je een rol wilt spelen in het klassement." Hij vervolgt: ,,De ploegleiding vindt wel dat ik moet leren om meer af te zien. Ik geloof ze meteen, want mensen als Verhoeven en oud-prof Frans Maassen hebben er veel verstand van, maar zelf probeer ik altijd alles te geven tijdens een wedstrijd. Dat zit in mijn aard, ik heb veel doorzettingsvermogen en karakter. Ik geef niet zomaar op." DOELDe Kort heeft zichzelf min of meer tot doel gesteld om na dit jaar nog één seizoen bij de amateurs te rijden om vervolgens de sprong te maken naar de profploeg van de Rabobank, waarvan nu onder anderen toppers als Erik Dekker, Michael Boogerd en Oscar Freire deel uitmaken. ,,Erik Dekker is mijn grote voorbeeld. Toen ik nog bij de junioren reed, werd ik vaak met hem vergeleken omdat we dezelfde houding hebben op de fiets en dezelfde stijl. Het zou fantastisch zijn als ik net zo'n loopbaan zou krijgen als Dekker. Behalve dat hij een hele goede wielrenner is, vindt ik hem ook nog een hele sympathieke vent", aldus De Kort, die op termijn wellicht de ploeggenoot wordt van Dekker.,,Hoewel ik dit seizoen flink vooruitgegaan ben, heb ik nog een lange weg te gaan om prof te worden; dat besef ik me terdege. Ik hoop na vier jaar bij de amateurs, dus na volgend seizoen, de overstap te maken naar de profs. Dan heb ik, als alles goed gaat, waarschijnlijk ook mijn studie bewegingswetenschappen aan de Vrije Universiteit in Amsterdam afgerond en kan ik me helemaal concentreren op het wielrennen. Het liefste word ik natuurlijk prof bij de Rabobank-ploeg, waar ik het heel goed naar mijn zin heb en alles tot in de puntjes geregeld is, maar als dat niet lukt wellicht bij een kleinere profploeg of een team in het buitenland. Ja, ik ben wat dat betreft best een avonturier. Ik ben gehecht aan mijn familie hier in Nederland, maar een loopbaan in het buitenland zou ik zeker niet uit de weg gaan." MONNIKENBESTAANHoewel De Kort zichzelf nog steeds als een amateur ziet, leeft hij het leven van een echte wielerprof. Toch moet hij ook een deel van zijn tijd besteden aan zijn studie. ,,Ik ga één dag per week naar de universiteit in Amsterdam, onder meer om colleges te volgen. Voor de rest is het vooral een kwestie van zelfstudie. Studeren doe ik vooral thuis, dat gaat prima in combinatie met het wielrennen. Ik vind de combinatie wel prettig, het zorgt ook voor afwisseling", zegt De Kort, die aangeeft niet alleen veel te moeten doen voor zijn sport, maar vooral veel 'te laten'.,,Nee, uitgaan doe ik niet tijdens het seizoen en vette happen en alcohol laat ik ook aan me voorbijgaan. Na het wegseizoen heb ik drie weken om los te gaan voordat ik weer op de fiets stap. Dan ga ik wel uit en eet ik ook wel eens een pizza. Een frietje? Nee, daar vind ik weinig aan, dat eet ik vrijwel nooit. Geef mij maar een pizza." De Liempdenaar heeft weinig moeite met het 'monnikenbestaan' van wielrenner. ,,Ik krijg er ook heel veel voor terug, want ik zie door het wielrennen veel van de wereld, heb al veel wedstrijden gereden in Europa en zelfs in Canada gekoerst. Bovendien wil ik dolgraag prof worden. Daar heb ik alles voor over. Mijn vader, die zelf ook gek is van wielrennen, heeft me enthousiast gemaakt voor de sport; samen met hem keek ik altijd naar de Tour de France. Het is een droom van me om die ronde zelf een keer te rijden. Als ik hard genoeg blijf werken, lukt dat misschien ooit nog." Zaterdag 28 juni wacht het Nederlands kampioenschap in Rotterdam. Voor De Kort een van de belangrijkste wedstrijden van het seizoen. ,,In onze ploeg heeft iedereen kans om voor de zege te gaan, want er is geen rolverdeling van knechten en één kopman. Helaas heb ik sinds een paar weken last van een rugblessure, waarvoor ik zelfs een manueel therapeut geraadpleegd heb. Twee dagen na de behandeling kreeg ik echter weer last van mijn rug. Nu maar hopen dat ik op tijd hersteld ben. Het NK zou ik dolgraag op mijn naam willen schrijven."
|
26 juni 2003 |