BOXTELSE BOEKHANDEL OP MARKT BESTAAT 25 JAAR

’Elckerlijc wil vooral geen doorsnee boekhandel zijn’

Ook boekhandel Elckerlijc ontkomt niet aan moderne ontwikkelingen. De boekhandel die dit jaar het 25-jarig bestaansjubileum viert heeft sinds enige tijd een website waarop via internet boeken besteld kunnen worden. Toen Ferry Schoth (55) en Nico van der Sprong (58) in 1978 de zaak van Huub en Doortje Bosse overnamen, wilden ze vooral een boekhandel runnen waarin literatuur voorop stond. ,,We willen meer zijn dan een doorsnee dorpsboekhandel.”

Zomaar een herinnering aan Elckerlijc. Op 26 maart 1982, dit jaar dus 21 jaar geleden, verraste Elckerlijc met een signeersessie van Kees van Kooten. De aanleiding was de publicatie van de verhalenbundel ’Veertig’, die Van Kooten signeerde in een soortgelijk colbertje dat hij op de cover droeg. ’Voor Marc (Koot in ’t bakkie)’, schreef hij erin, een ludieke verwijzing naar de hype rond 27 mc-zenders – in volksjargon bakkies – waarvan de legale exemplaren een soort PTT-keurmerk hadden dat werd aangeduid met de afkorting MARC.

,,Het bezoek van Kees van Kooten is nog steeds een van onze grootste successen”, blikt Van der Sprong terug. ,,Kees van Kooten deed indertijd nooit signeersessies, maar ging overstag na een brief die hij van een van onze medewerkers kreeg. ’Daar kan ik niet onderuit’, heeft hij toen gezegd.” Succesvolle signeersessies werden afgewisseld met teleurstellingen, zoals bezoeken van Herman Pieter de Boer en de toen nog onbekende Thomas Rosenboom, die nauwelijks publiek trokken. Van der Sprong: ,,De laatste jaren werken we in het kader van de boekenweek nauw samen met de bibliotheek om schrijvers naar Boxtel te halen.”

NIET ALLEEN
Het interview over 25 jaar Elckerlijc vindt plaats op een rustige vrijdagochtend, wanneer de drukte in het Boxtelse winkelcentrum zich concentreert op de weekmarkt. Het geroezemoes van de markt klinkt door in de boekhandel, in de verte klinkt een draaiorgel. Op de piepkleine bovenverdieping van de smalle winkel vertellen Van der Sprong en mede-eigenaar Schoth openhartig over hun boekhandel.

De etage, die bestaat uit enkele kamertjes, een keukentje en zelfs een kleine badkamer, doet in alles denken aan een studentenflatje: rommelig, benauwd, vochtplekken, een verweerde PPR-sticker op de deur. ,,Je moet weten dat ik hier in de begintijd een paar jaar gewoond heb”, grinnikt Van der Sprong tijdens een korte rondleiding. ,,Hier op zolder heb ik geslapen”, zegt hij, wijzend naar een klein luikje in het plafond.

Het was Huub Bosse die Van der Sprong en Schoth medio jaren zeventig onafhankelijk van elkaar benaderde om zijn boekhandel in Boxtel over te nemen. Bosse, die zijn zaak kort daarvoor verhuisd had van de Kruisstraat naar de Markt, zocht een opvolger. ,,Via een plaatsgenoot uit Rijswijk werd ik geattendeerd op deze kans”, herinnert Van der Sprong zich. In maart 1977 trad hij in dienst van Bosse.

,,Bosse wilde de boekhandel per se verkopen, maar ik wilde de zaak beslist niet alleen gaan runnen”, zegt Van der Sprong. Dat gold ook voor Ferry Schoth, die het boekenvak van huis uit kende omdat zijn ouders in Boxmeer een kantoorboekhandel runden. Die wilde hij liever niet overnemen. ,,We hadden allebei geen zin om het alleen te doen. Samen eigenaar zijn heeft grote voordelen. Je bent wat vrijer, je kunt makkelijker vakantie nemen. En dat vond ik vooral in die dagen heel belangrijk”, lacht Schoth. ,,Als ik alleen was geweest, had ik nooit drie maanden naar Japan gekund.”

Van der Sprong en Schoth houden het al 25 jaar met elkaar uit. Schoth, lachend: ,,Ach, het is geven en nemen, met horten en stoten.” Serieus: ,,Met z’n tweeën kun je meer ideeën ontwikkelen. Natuurlijk kan het ook als een rem werken omdat je het samen ergens eens over moet worden.” Van der Sprong: ,,We zijn er nog altijd uitgekomen. Het fijne van deze constructie is dat niet alles op één schouder rust. Ik zou het alleen niet gekund hebben. En zonder Ferry was ik er nooit ingestapt.”

BEETJE LINKS
Bosse Boeken was destijds een links georiënteerde boekhandel. Van der Sprong en Schoth waren ook progressief, maar beseften eveneens dat in Boxtel geen plaats was voor een ’puur linkse boekhandel’. Van der Sprong: ,,We wilden een algemene boekhandel zijn met de nadruk op literatuur. We waren natuurlijk best een beetje links en voor een geselecteerd publiek, maar we wilden ook meer brengen dan een dorpsboekhandel. We wilden een beetje exclusief zijn, maar ook boeken verkopen die iedereen wil hebben.”

Bij Elckerlijc golden derhalve minder stringente normen dan bij Bosse Boeken. ,,Alles wat gedrukt wordt zou je in een boekhandel moeten kunnen verkopen. Het is niet aan ons om te censureren, hoewel je natuurlijk wel een bepaalde richting kunt aangeven. Aan onze zaak zie je best wel wat we wel en niet graag verkopen.”, aldus Van der Sprong.

,,De Telegraaf verkoop ik nog steeds niet graag”, vult Schoth aan. Datzelfde geldt voor de enorme ’bulk’ seksbladen die met enige regelmaat in de boekhandel wordt gedumpt en die nauwelijks verkoopt. ,,Eigenlijk heb ik helemaal geen zin om die dingen te verkopen. Het komt dan ook wel eens voor dat ik de hele stapel oppak en eruit gooi. Ik heb er eigenlijk helemaal geen ruimte voor en dan denk ik: ’Weg ermee!’.”

WOEKEREN
Ruimte. Het woord valt vaak tijdens het interview. Elckerlijc is een pijpenla die eigenlijk ’een metertje te smal’ is. Schoth: ,,We hebben wel eens nagedacht over verhuizen, maar veel klanten vinden het eigenlijk wel leuk dat het een beetje een rommeltje is. Ik houd zelf ook niet van een boekhandel die steriel en clean is. Als klanten het woord verbouwen horen, zijn ze ook duidelijk: ’Doe het alsjeblieft niet!’.”

De kleinschaligheid betekent dat in Elckerlijc gewoekerd wordt met de beperkte ruimte, zeker omdat boeken volgens Schoth en Van der Sprong eigenlijk moeten liggen om goed verkocht te kunnen worden, zeker als het om literatuur gaat. ,,Gespecialiseerde boeken over computers, geneeskunde of dieren kun je best in de kast zetten, daar komen mensen toch wel voor. Maar bij literatuur is het belangrijk dat mensen de voorkant van het boek zien. Als mensen alleen het ruggetje zien, zullen ze het boek niet zo gauw kopen”, zegt Schoth.

Na 25 jaar kent Schoth de beste plekken in zijn winkel wel. ,,Een gevoelskwestie”, knikt hij. ,,Sommige boeken lopen goed als ze op een bepaalde plek liggen. Je merkt heel snel als een boek minder verkoopt omdat je het verplaatst hebt. Er zijn trouwens genoeg boeken die niet per se prominent in beeld moeten liggen. ’Nooit meer slapen’ van W.F. Hermans zou je best direct in de kast kunnen zetten. Maar als je een boek van een minder bekende schrijver in de kast zet, komt het er waarschijnlijk nooit meer uit.”

BESTSELLERS
Ruimtegebrek noopt Elckerlijc keuzes te maken. Van der Sprong vertelt dat de Boxtelse boekhandel vroeger ieder debuut een eerlijke kans wilde geven. ,,Door de vele debuten die nu verschijnen en de veel kortere looptijd van boeken, ben je voorzichtiger met investeringen. Je laat je leiden door hetgeen je op de boekenbeurs ziet, je volgt series van uitgevers en luistert naar vertegenwoordigers die je vertrouwt. Als ik een positief gevoel heb over een boek, dan komt het in de winkel te liggen.”

Van der Sprong en Schoth steken niet onder stoelen of banken dat de winkel economisch alleen kan blijven draaien door bestsellers. Een échte bestseller belooft het nieuwe boek van Harry Potter te worden, waarvan Elckerlijc zeker honderd tot honderdvijftig exemplaren zal verkopen. Anders toppers, die tevens aangemerkt kunnen worden als hype, waren ’De Celestijnse Belofte’ van James Redfield en het Nederlands Museumboek, dat in de jaren zeventig twee- tot driehonderd keer over de toonbank ging.

Van der Sprong: ,,In de jaren zeventig verkochten we opvallend veel boeken van Jan Wolkers. Elk nieuw boek werd massaal verkocht. In de jaren tachtig waren het de pockets ’Modermismen’ van Kees van Kooten. Ik weet niet hoeveel we er daarvan verkocht hebben.” Schoth herinnert zich de gekte rondom de afslankboeken van Montignac, waar een enorme vraag naar was. ,,Die boeken waren niet aan te slepen. Ze zorgden wel twee jaar lang voor een enorme dip in de kookboeken. Iedereen leek wel aan de lijn”, grinnikt hij.

AFBOUWEN
Internet is ook in Elckerlijc de toekomst. De website (www.elckerlijc.nl) trekt aardig wat (vaste) klanten, die in de toekomst mogelijk online kunnen zien of hun bestelling binnen is of dat een bepaald boek op voorraad is. ,,Ik vraag me af of ik wel zo blij moet zijn met deze ontwikkelingen”, aarzelt Schoth. ,,Wie op internet ziet dat je een boek niet hebt, gaat verder kijken. Wie dit in de winkel ontdekt, zal het boek misschien bestellen of met iets anders weggaan.”

De website ziet hij als een service naar de vaste klanten, die kunnen doorlinken naar de inkooporganisatie waarbij Elckerlijc is aangesloten. ,,Het maakt in wezen niet uit of je kijkt bij www.bol.com of bij ons, hoewel wij ons blijven richten op Boxtel. Als we aan mensen uit heel Nederland boeken zouden moeten verkopen, staan we de hele dag pakjes te maken en daar hebben we geen zin in. Internet is leuk, maar ik hoop dat mensen vooral naar de winkel blijven komen.”

Met enige zorg volgen de eigenaren van Elckerlijc de discussie over het eventueel loslaten van de vaste boekenprijs. Mogelijk worden de vaste prijzen over twee jaar al losgelaten. ,,We weten niet wat de toekomst zal brengen. Als de boekenprijs wordt losgelaten, verliezen we het altijd van de boekhandel in de stad. En wat gaat er nog meer gebeuren? Gaat Albert Heijn boeken verkopen? Liggen bestsellers straks bij de Etos en het Kruidvat? Als dat gebeurt wordt het moeilijker om minder gangbare boeken te verkopen en zal het moeilijker worden een boekhandel in stand te houden.”

Het brengt Schoth en Van der Sprong op het woord ’afbouwen’. Beide eigenaren denken al nadrukkelijk na over hun eigen toekomst. ,,We zien schitterende ontwikkelingen in de wereld van de boekhandel. Het is geweldig om in Middelburg naar De Drukkerij te gaan, waar naast boeken ook cd’s worden verkocht en klanten in een koffiecorner met leestafel kunnen aanleggen.”

Hij vervolgt: ,,Hoewel Boxtel hiervoor misschien te klein is, hebben wij ook altijd zoiets willen doen. De vraag is of je daar nu nog in moet investeren als je al over afbouwen aan het praten bent. En daarbij komt dat we net als 25 jaar geleden nog heel erg gehecht zijn aan onze vrije tijd. We werken praktisch niet over en zes uur is zes uur. Dat zal nooit veranderen. Er moet tijd overblijven om een goed boek te lezen.”




17 april 2003

Terug