![]() |
BRANDWEERCHAUFFEURS SPIL IN HULPVERLENING
’Blij met kaartje of bloemetje van slachtoffers’![]() Ze hebben de meest gekke situaties meegemaakt. Er zijn weggebruikers die in paniek de berm invliegen als ze een brandweerauto met loeiende sirenes zien naderen. Er zijn ook weggebruikers die de brandweerauto over het hoofd zien omdat de muziek te hard uit de geluidsinstallatie bonkt. Samen hebben ze bijna zeventig jaar ervaring als brandweerchauffeur en pompbediener. Een gesprek met Riny van Pinxteren (49) en Ad van Helvoort (51) uit Boxtel en Liempdenaar Piet van de Braak (47). De nieuwe brandweerkazerne aan de Brederodeweg is de thuisbasis van Van Pinxteren en Van Helvoort. Van de Braak is thuis in de brandweerkazerne aan de Oude Postbaan in Liempde, waar hij in de afgelopen 25 jaar op twee brandweerwagens reed. ,,In 1978 kwam er een nieuwe DAF, terwijl de Liempdse blusgroep een paar jaar geleden de beschikking kreeg over een nieuwe Mercedes”, vertelt Van de Braak. Van Pinxteren, die zaterdag officieel afscheid neemt van het Boxtelse brandweerkorps, was ruim zeventien jaar actief als vrijwilliger. Met kompaan Van Helvoort, die 25 jaar in dienst is van het Boxtelse brandweerkorps, reed hij in verschillende voertuigen. Recentelijk werd het wagenpark verrijkt met een Scania met vierwielaandrijving. Het bakbeest heeft een imposante omvang vergeleken bij de andere voertuigen. ,,Het is heel andere koek om met deze jongen op pad te gaan”, vertelt Van Helvoort. LIEF EN LEEDZe hebben samen veel lief en vooral leed gedeeld. Herinneringen aan branden en ongevallen passeren onophoudelijk de revue als het drietal terugblikt op hun loopbaan bij de brandweer. Vooral die incidenten waarbij dodelijke slachtoffers te betreuren waren zijn hen bijgebleven, als de dag van gisteren... ,,Vooral als er jonge kinderen in het spel zijn is het moeilijk”, erkent Van Pinxteren. ,,Ik herinner me een vreselijke brand met dodelijke afloop waarbij ik na thuiskomst mijn kinderen eens stevig heb vastgepakt”, zegt Van Helvoort.Het doet de brandweerlieden, zo zeggen ze oprecht, goed als ze na een brand of ongeval nog eens iets horen van de slachtoffers. In de meeste gevallen hoort men niets meer of is er zelfs onbegrip omdat burgers menen dat er te veel bluswater is gebruikt en daardoor nog meer schade is ontstaan. ,,Het doet je echter goed als mensen nog eens terugkomen, met een bloemetje, een kaartje of een gebakje. Laatst waren nog twee jongeren hier die nog steeds herstellen van een zwaar auto-ongeluk waarbij we hulp hebben geboden. Het doet me goed als ik hoor dat ze er ondanks zware verwondingen helemaal bovenop komen”, stelt Van Pinxteren. Van Helvoort vertelt dat dankzij een verbetering van de wegen in en rondom Boxtel veel minder verkeersongevallen plaatsvinden. Hij herinnert zich perioden waarin met de regelmaat van de klok uitgerukt moest worden voor zware verkeersongevallen op de rijksweg of de spoorbaan. ,,De gevaarlijke kruisingen op de rijksweg zijn verdwenen en de meeste spoorwegovergangen zijn prima beveiligd.” Tegenover de grotere verkeersveiligheid staan de hindernissen en obstakels die de chauffeurs van de brandweervoertuigen onderweg ontmoeten. Van de Braak zucht ervan: ,,Soms is het echt niet leuk meer als je over al die drempels op weg bent naar een brand of een ongeluk.” Hij vertelt dat het veel ervaring vereist om rustig achter het stuur van de brandweerauto te zitten. ,,Je hebt mensen in de cabine zitten die opgefokt zijn en weten dat ze naar een brand of een ongeval moeten. Dan is het zaak om rustig te blijven.” Van Helvoort knikt. ,,Achterin wordt vaak veel geschreeuwd. De man die achter het stuur zit moet zijn adrenaline in bedwang zien te houden. Als chauffeur moet je op je tellen passen, de rust bewaren en overal ogen hebben. Want je bent heus niet veilig, ook al heb je die blauwe lichten en toeters. Het is opletten geblazen omdat je niet weet hoe andere weggebruikers reageren.” POTJE BIERZe kwamen elk op een bijzondere manier in aanraking met de brandweer. Liempdenaar Van de Braak had eigenlijk geen keus. Toen hij in de jaren zeventig solliciteerde op een betrekking bij de toenmalige gemeente Liempde moest hij vrijwilliger worden bij de brandweer, anders ging de job aan zijn neus voorbij. ,,Het waren tijden waarin men moeilijk aan vrijwilligers kon komen”, blikt hij terug.Van Helvoort, werkzaam bij de gemeente Boxtel, werd 25 jaar geleden door toenmalig commandant Kraetzer overgehaald om het brandweerkorps te versterken. Collega Van Pinxteren werd vrijwilliger nadat brandweerlieden hem hadden gepolst. ,,Ik was er vroeger altijd als de kippen bij als de brandweer uitrukte. Toen ze in de gaten kregen dat ik altijd present was bij branden, hebben ze me gevraagd om vrijwilliger te worden.” Grinnikend: ,,Op die manier kon ik mijn handen uit de mouwen steken in plaats van toekijken.” De brand in wolschuur De Burcht aan de Baandervrouwenlaan was de eerste grote brand die het drietal meemaakte. Van Pinxteren en Van Helvoort waren present namens de Boxtelse brandweer, Van de Braak was aanwezig omdat ook het korps Liempde werd gealarmeerd. Andere grote branden die de revue passeren woedden bij huize De La Salle, in winkelcentrum Oosterhof en - twee jaar geleden - bij Dumeco. Maar de meeste indruk maakten de branden en ongevallen waarbij slachtoffers te betreuren waren. Deze incidenten werden volgens Van de Braak vroeger verwerkt door gezamenlijk ’een potje bier’ te drinken. Nu worden alle calamiteiten geëvalueerd en is er voldoende ruimte om het hart te luchten. ,,Een verbetering”, vindt Van Helvoort. ,,Vroeger overheerste toch vooral het stoere gedrag en werd niet zoveel gepraat over ingrijpende dingen die je meemaakte.” Het drietal heeft naar eigen zeggen altijd veel steun gehad binnen de brandweervereniging, waarvan de blusgroep Liempde sinds de gemeentelijke herindeling ook deel uitmaakt. Van Pinxteren, zestien jaar bestuurslid en onlangs onderscheiden als erelid: ,,De brandweer is een hechte vriendenclub. Dat moet ook wel. Je moet een hechte vertrouwensband hebben omdat je met je collega’s samen een brandend huis moet ingaan. Dan moet je elkaar door en door kennen, dan moet je elkaar kunnen vertrouwen.”
|
13 februari 2003 |