RENÉ KEULEN UIT LIEMPDE:

'Reddingsplan voor populieren broodnodig'

Liempdenaar René Keulen (59) heeft een reddingsplan opgesteld voor de Brabantse populier. De bewoner van het Molenhuis op Kasteren – van huis uit chemicus, maar nu al jaren werkzaam als antiquair, houtbewerker en meubelmaker - voorspelt dat de ranke boom binnen enkele decennia uit het Meierijse landschap zal verdwijnen als niet snel actie wordt ondernomen. ,,De emotionele waarde van het populierenhout moet verhoogd worden. Misschien straalt dan het besef door dat je dit unieke landschap niet moet weggooien", aldus Keulen.

De populier is niet van alle tijden. Pas de laatste 150 jaar maakt de boom deel uit van het zo karakteristieke coulissenlandschap van de Meierij. De populier kwam in opmars nadat veel wilgen in het Dommeldal door ziekte geveld werden en de bewoners op zoek gingen naar een resistente boomsoort. ,,Die werd gevonden in een kruising van de inlandse en Canadese populier", vertelt Keulen. Inmiddels bestaan er tal van soorten populieren.

De populier is sinds de introductie in de Meierij onlosmakelijk verbonden met het boerenleven. De snelgroeiende boom werd onder meer gebruikt voor de klompenindustrie, maar het hout diende vroeger ook voor de vervaardiging van vloeren of meubels. Thans is de populier vooral gewild voor de productie van pallets of stapelhout en is volgens Keulen eigenlijk sprake van een 'wegwerpproduct' .

Het is niet de grootschalige en perceelsgewijze teelt van populieren waarover de Liempdenaar zich zorgen maakt. Hij is vooral bang dat de populieren langs wegen en kavelscheidingen binnen enkele decennia zullen verdwijnen. Leverde de verkoop van populierenhout vroeger voldoende op, tegenwoordig valt met deze bomen geen droog brood meer te verdienen. ,,Je ziet dat mensen populieren gaan vervangen door andere bomen of er helemaal niets meer mee doen. Dan vallen ze op den duur om en verdwijnen de karakteristieke bomen uit het landschap."

Een revival van de klompenindustrie zou de vraag naar populierenhout kunnen stimuleren. Een betere prijs zou immers aanzet kunnen zijn om de boom weer vaker te planten en zo de aanblik van het landschap te behouden. Maar Keulen denkt dat de klompenindustrie de populieren niet kan redden. ,,Dan zou iedereen in Nederland op klompen moeten gaan lopen", zegt hij.

Meer verwacht de Liempdenaar van een ruimere toepassing van populierenhout. Als meubelmaker en houtbewerker is Keulen daarom gestart met de vervaardiging van meubels van populierenhout. ,,Door nieuwe toepassingen van populierenhout in beeld te brengen, kun je misschien een grotere vraag naar het hout op gang brengen en wordt het weer interessant om populieren te planten."

Over het werken met populierenhout is Keulen lovend. Het hout is eenvoudig te bewerken, droogt goed, heeft een lage kostprijs en kan in grote formaten worden aangeleverd. Wat hem irriteert is het negatieve imago dat nog steeds aan populierenhout kleeft. ,,Veel mensen associëren de populier nog steeds met armoede. En dat vooroordeel staat een bredere toepassing van populierenhout nog steeds in de weg."

Keulen denkt met zijn initiatief mee te kunnen liften met de hernieuwde belangstelling voor streekproducten. Als bewoner van het historische Molenhuis – gereedgekomen op 1 juni 1758 – zit hij midden in Het Groene Woud, een gebied dat door tal van projecten een aaneengesloten natuurgebied met cultuurhistorische elementen moet worden.

Hij kent initiatieven die door het Innovatieplatform Duurzame Meierij en het Interreg-project worden opgezet. ,,Maar ook binnen die initiatieven liggen geen grote zakken met geld klaar. Wat wel belangrijk is dat er wordt meegedacht. De kennis over het landschap moet gemobiliseerd worden om te voorkomen dat het landschap zoals onze voorouders het gekend hebben verloren gaat. En vergis je niet, het landschap staat onder hele grote druk."

Door herstructurering van de populierenteelt en verbetering van de afzetmarkt denkt Keulen dat de populier voor de Meierij behouden kan blijven. Hij kan het niet alleen, hij is maar een klein radertje in een beweging die nog op gang moet komen. In zijn werkplaats werkt Keulen dag in dag uit aan de productie van meubels van populierenhout. Het hout is afkomstig van populieren die vroeger bij het Molenhuis hebben gestaan en inmiddels vervangen zijn door nieuwe exemplaren.

Als bewoner van Kasteren is Keulen doordrenkt van het belang van het behoud van dit landschap. ,,Dertig jaar geleden kwam ik wonen in het Molenhuis. Het was toen een gigantische ruïne die niemand wilde hebben. Langzaam maar zeker ga je je realiseren dat je op historische grond woont. De watermolen die ooit bij dit huis stond, dateert al uit de elfde eeuw. Dat betekent dat er toen al permanente bewoning was op deze locatie."

Met de wederopbouw van een bakhuis, dat gehuurd kan worden door toeristen, en de bouw van een authentieke Vlaamse schuur, die Keulen kocht in Sint-Agatha, geeft hij nog meer impulsen aan de versterking van Het Groene Woud. Een reddingsplan voor de populier moet écht gaan bijdragen aan behoud van een landschap onder druk...




28 november 2002

Terug