![]() |
NIEUWE BUNDELVAN VICTOR VROOMKONING
'Afscheid van lieve verstekelingen'![]() ,,Een gedicht schrijft zichzelf. Niet ik, maar het gedicht bepaalt wanneer het af is. Ik ben eigenlijk niet meer dan degene die toevallig dat pennetje vasthoudt." Victor Vroomkoning ontheiligt met die woorden elk waas van geheimzinnigheid, waarmee het dichterschap lijkt omgeven. Of slecht hij daarmee alleen drempels om aan te geven dat een dichter ook maar een mens is, die met zijn ogen het naakte bestaan aanschouwt, met zijn ziel het leven doorleeft en met zijn pen die emoties doorgeeft...?
OPVALLENDEen bezoek aan Walter van de Laar (64) gaat zelden in vluchtigheid voorbij. De indrukken die hij ook dit keer als oud-Boxtelaar en dichter Victor Vroomkoning voorlezend en vertellend achterlaat, zijn dat evenmin. De ontvangst is hartelijk, de thee warm en het gesprek openhartig. Even direct als zijn gedichten, waarmee hij ook in de nieuwste bundel het leven in het diepst van de kern weet te raken.Omdat zijn bundel Bij Verstek vers van de pers nog onderweg is, moeten we ons tevreden stellen met een nog ontzield maar op zijn minst opvallende omslag, die zich niet alleen qua kleur (knalgeel), maar ook qua vormgeving onderscheidt van zijn acht andere bundels. Een idee van de uitgever, waarmee de Arbeiderspers een gooi wil doen naar de prijs voor de beste omslag. ,,Zelf weet ik nog niet goed wat ik ervan moet vinden. Maar mooi? Nee, dat geloof ik niet. Opvallend is een beter woord, maar volgens de uitgever is het eigenlijke exemplaar veel mooier dan dit.” Met lichte twijfel: ,,Ik moet het nog zien." Bij Verstek is voor hem een afscheid. Definitief rekent hij af met de dood van zijn ouders, die hij in liefde gedenkt, herdenkt en vervolgens voorgoed begraaft. Het is Walter van de Laar met wie we over Boxtel praten, over de tijd dat zijn ouders op de hoek van de Kruisstraat en Rechterstraat een drukke bakkerswinkel hadden en hij samen met zijn tweelingzus Jeanne onbezorgd opgroeide. En de tijd dat zijn vader en moeder ouder werden, aftakelden en stierven. Maar het is Victor Vroomkoning die met ingetogen stem leest wat zijn pen hem daarover liet optekenen. AFSCHEIDDat Vroomkoning schrijft over liefde en dood is niets nieuws. Dat deed hij in zijn vorige bundel IJsbeerbestaan en dat doet hij in Bij Verstek opnieuw. De dood van zijn ouders beschreef hij al toen ze nog leefden en hij deed het nog steeds toen ze al dood waren. ,,Ik vond dat ik ermee op moest houden en dit was een manier om dat te doen", vertelt hij als we naar de inhoud van zijn bundel vragen.De Nijmeegse dichter legt uit dat hij geïnspireerd was door Lucebert, die in zijn dichtbundel Van de afgrond en de luchtmens schrijft over de ontmoeting met een bode, een soort engel, die hij 'de luchtmens’ noemt. ,,Dat heeft mij zó aangegrepen dat ik ineens besefte dat mijn moeder – maar ook mijn vader natuurlijk – net zo’n luchtmens was voor mij, waar ik mee af moest rekenen en zij met mij." Bij Verstek bestaat uit vier delen. In het eerste deel gaan de gedichten over zijn vader en moeder, over hun leven en sterven. In het tweede deel neemt Vroomkoning afscheid van zijn moeder, met wie hij een intense band had. Deel drie bestaat uit liefdesgedichten en in deel vier 'beschouwt' hij als filosoof het leven, zoals je naar een kunstwerk kijkt. Over de titel kan Walter kort zijn. ,,Bij Verstek betekent 'bij afwezigheid'. Het gaat over lieve verstekelingen, mensen die er eigenlijk niet (meer) moeten zijn. En dat zijn mijn ouders dus." SONNETTENKRANSHet geschreven afscheid van zijn moeder, waaraan de hele tweede cyclus is gewijd, heeft de dichter het diepst en meest intens geraakt. ,,Ik heb in twee weken veertien verzen geschreven en ben er dag en nacht mee bezig geweest. Echt ik was er compleet beroerd van. Ik kon niets anders doen en moest er gewoon mee bezig blijven." Het getal veertien is daarbij symbolisch.De dichter legt uit dat hij zich daarbij heeft laten inspireren door de zogenaamde sonnettenkrans. ,,Dat zijn gedichten voor een geliefde, die in een bepaalde vorm geschreven zijn, voorafgegaan door een proloog. Die geliefde dat is mijn moeder in dit geval. Ik heb alleen geen sonnetten geschreven en ben dus alleen afgeweken van de vorm.” Hij vertelt dat in dat deel niet hij, maar zijn moeder aan het woord is en tot hem spreekt. ,,Over de dood heen heeft ze me dit laten schrijven. Ik spreek er dus eigenlijk mezelf in toe." BOXTELS LATIJNDe nieuwste bundel heeft eigenlijk alles met zijn Boxtelse wortels te maken. Enkele gedichten hoef je maar te proeven om de herinnering scherp te stellen. Met plezier vertelt Walter: ,,Mijn vader was lid van het Petruskoor. Hij had een mooie tenor, die elke donderdagnacht nóg helderder klonk als hij weer eens beschonken van de repetitie thuiskwam. Mijn zus en ik lagen er als het ware op te wachten. Bezorgd dat hem iets zou overkomen. We kenden het ritueel, het gemopper van onze moeder en het gestommel als ze hem naar bed hielp, waarna het zwijgen. Ik weet bijna zeker dat we op zo'n nacht zijn verwekt."Walter lacht voluit als hij eraan terugdenkt. ,,Ja echt waar, elke donderdag zolang ik me kan herinneren. Maar ik snapte het natuurlijk goed. Mijn vader maakte natuurlijk lange dagen in de bakkerij en die donderdag was voor hem gewoon een uitje." Hij bladert door de drukproeven van zijn bundel en leest met een stem die gewend is aan voordracht. Latijn
Hoe het huis wekelijks meeleefde PRESENTATIEOf hij dagelijks met dichten en de dichtkunst bezig is? We krijgen een even helder als openhartig antwoord. ,,Nee, ik ga niet zoals anderen gebukt onder mijn dichterschap. Gedichten komen of niet. Vroeger was ik daar wel mee bezig, maar nu allang niet meer. Het hoeft van mij niet zo nodig. Als... dan is het prima en als niet, dan is het ook goed voor mij.”De dichter, die voorheen als docent Nederlands hbo-leerlingen gevoel voor literatuur probeerde mee te geven, werkt al enkele jaren niet meer. ,,Ik heb filosofie gestudeerd, ben nu bezig met kunstgeschiedenis en verder heb ik zo van die 'literaire dingetjes' die me bezighouden. Ik krijg regelmatig mensen over de vloer of ga zelf naar mensen toe. En er is één sport waar ik eigenlijk niets van kan missen: wielrennen." Opspringend bewijst hij dat het ernst is als hij behendig de video instelt die een spannende etappe op een later tijdstip moet herhalen. Sportief wil Walter zichzelf niet noemen, hoewel hij regelmatig op de renfiets stapt om vijf kwartier weg te trappen. Ter ontspanning en ook voor zijn conditie. ,,Tenslotte word ik al een ouwe vent”, grimast hij. Momenteel is de aandacht rond zijn 'alter-ego' Victor Vroomkoning gericht op de presentatie van zijn nieuwste bundel, die vrijdag 1 november in het Kolpinghuis aan de Smetiusstraat 1 te Nijmegen om 20.00 uur wordt gedoopt. ,,Ik heb even gedacht aan een kerk en aan een zondagmiddag, maar dat viel niet te regelen, helaas”, wil Walter daarover nog kwijt. Regisseur Jan Bovenkamp leidt 1 november de gasten in. Het zijn de schrijvers Marcel Maassen en Leon Gommers, essayist Liesbeth Eugelink en literair criticus Teunis Bent. Peter Nijssen, hoofdredacteur van de Arbeiderspers zal Vroomkoning zijn eerste exemplaar overhandigen. De bundel Bij Verstek (16,95 euro) wordt tijdens die avond ook gesigneerd. Iedereen is welkom.
|
17 oktober 2002 |