ZIEKTE VERPEST SEIZOEN PASCAL HERMES UIT LIEMPDE
'Eerste jaar bij wielerprofs
in water gevallen'

Hij had zich veel meer voorgesteld van zijn eerste jaar als profwielrenner bij de AXA/VvZ-ploeg. Pascal Hermes (23) uit Liempde stopte in november vorig jaar met zijn baan bij een rijwielzaak in Bruchem, nabij Zaltbommel, om vanaf januari van dit jaar de overstap te maken van de amateurploeg Van Vliet-Weba naar de profs. Al snel werd hij echter geveld door de ziekte van Pfeiffer, die hem maanden uit de running hield. Pas in de maand mei reed hij zijn eerste profkoers, maar veel potten kon hij in de rest van het seizoen niet meer breken. ,,Mijn beste prestatie was een vierde plaats bij een kermiskoers in België", aldus Hermes.
Tot overmaat van ramp zit de Liempdenaar nu, aan het eind van het wielerseizoen, opnieuw in de lappenmand. ,,Wat ik precies heb, is na verschillende medische onderzoeken nog niet helemaal duidelijk. Ik heb last van pijn in de buikstreek. Als ik achterover zit valt het wel mee, maar als ik voorover buig of op de fiets zit, voel ik steeds weer die pijn. Eigenlijk heb ik er de hele dag last van. Zelf dacht ik eerst aan een scheurtje in het middenrif, maar nu denk ik eerder aan een maagzweer. Binnenkort gaan ze me weer onderzoeken en kunnen ze hopelijk eindelijk achterhalen wat ik mankeer."
PLOEGLEIDER
Zo veranderde zijn eerste seizoen bij de profs voor Hermes in een rampjaar. Het leek aanvankelijk allemaal zo mooi. Vorig jaar werd hij vlak na de zomer gebeld door de toenmalige ploegleider Jan van Dam van de AXA-VvZ ploeg met de vraag of hij interesse had om profwielrenner te worden. Net in die periode had hij een gesprek met zijn baas over zijn toekomst in de rijwielzaak in Bruchem.
Hermes: ,,Het werd steeds moeilijker om mijn werk en het wielrennen te combineren. Mijn baas wilde dat ik een keuze maakte: of wielrennen of werken. Ik heb altijd met de gedachte gespeeld om profwielrenner te worden, vandaar dat de keuze voor mij niet zo moeilijk was. Toen ploegleider Jan van Dam in die periode belde met de vraag of ik bij zijn ploeg wilde komen rijden en ik vervolgens een paar gesprekken had gevoerd, hoefde ik niet lang meer na te denken. In november ben ik vervolgens gestopt met mijn werk bij de rijwielzaak, waarna ik hard ben gaan trainen voor mijn eerste profseizoen."
RABOBANK
De Liempdse wielrenner zag het helemaal zitten bij de AXA/VvZ-ploeg; na de Rabobank-ploeg en de BankgiroLoterij-ploeg het derde profwielerteam in Nederland. Hermes: ,,Axa is in feite een 'doorstroom-ploeg' van zo'n twaalf tot veertien betaalde renners. Coureurs kunnen ervaring opdoen om later de stap te maken naar een grotere wielerploeg. In feite is het doel om jonge renners klaar te stomen voor het grote werk",aldus de Liempdenaar.
,,Als ik goed presteer en ik krijg een aanbieding van een betere ploeg, dan zal niemand mij met een schuin oog aankijken wanneer ik daar op inga. De ploegleiding heeft nu de bezem door de selectie gehaald en de oudere jongens vervangen door jonge ambitieuze renners, die zich graag willen ontwikkelen en uiteindelijk hogerop willen. Dat is precies wat ik ook voor ogen heb", zegt de Liempdenaar, die bij de AXA-VvZ-ploeg een bescheiden basissalaris ontvangt.
,,Het is heel simpel. Als je goed presteert, ga je meer verdienen. Daarnaast kunnen we het salaris aanvullen met premies en start- en prijsgelden. Dus als je het goed doet, kun je nog een aardige cent verdienen. Als ik op mezelf zou wonen, zou ik waarschijnlijk toch niet rond kunnen komen van het salaris en een baan erbij moeten zoeken. Maar ik woon nog thuis, dus ik kan me prima redden."
ZIEKTE
Begin januari van dit jaar sloeg het noodlot toe en viel heel zijn seizoen in het water door ziekte. Terugkijkend op die periode denkt Hermes zelf dat hij in de periode november/december misschien te hard getraind heeft en te weinig rust heeft genomen.
,,Prof zijn betekent dat je er een goede arbeid/rust verhouding op na moet houden. Als ik aan het eind van een duurtraining was, dacht ik alweer aan wat ik zou gaan doen als ik thuis zou komen. Terwijl je dan eigenlijk gewoon even helemaal niks moet uitvoeren en je rust moet pakken. Ik stak in januari al in een goede vorm terwijl de eerste wedstrijden pas eind februari op het programma stonden. Op 5 januari kreeg ik opeens last van hoofdpijn, gevolgd door een keelontsteking. Ik slikte antibiotica, maar daarna kreeg ik last van uitslag en bleek er toch iets meer aan de hand te zijn."
BED
Medische onderzoeken wezen uit dat Hermes de ziekte van Pfeiffer onder de leden had en rust moest houden. Daarmee was al meteen duidelijk dat de Liempdenaar zich weinig illusies meer hoefde te maken over zijn eerste seizoen bij de profs.
,,Ik heb eerst drie weken alleen maar op bed gelegen en kon helemaal niets doen. Zelfs televisie kijken ging niet. Maar beetje voor beetje ging ik me beter voelen en na zo'n anderhalve maand had ik het gevoel dat ik weer kon gaan trainen. Dat werd me door de artsen echter afgeraden en uiteindelijk mocht ik pas na 2,5 maand weer twee uurtjes per dag gaan fietsen." Hermes had aanvankelijk veel moeite om weer in zijn ritme te komen. Pas twee maanden nadat hij de training hervat had, reed hij in mei in België zijn eerste profkoers.
,,Het ging eigenlijk nog vrij goed ook, want ik wist totaal niet waar ik stond op dat moment. Bovendien waren al die andere gasten al vijf maanden bezig en ik was bezig om terug te komen. Gelukkig kon ik aardig meekomen en heb ik later nog veel meer koersen kunnen rijden, waaronder het Nederlands kampioenschap en veel profcriteriums als de Acht van Chaam en de Draai van de Kaai."
GELD
Ondanks alle tegenspoed voelt Hermes zich inmiddels een echte wielerprof. ,,Ik plaats van naar mijn werk te gaan, stap ik nu op de fiets om te gaan trainen en verdien ik mijn geld met fietsen. Maar ik voel me behoorlijk schuldig dat ik maanden uit competitie ben geweest terwijl ik steeds keurig op tijd mijn loonstrookje ontving. Daarom hoop ik dat de medische onderzoeken aan het licht brengen, waar die pijn aan mijn buik vandaan komt zodat ik daarna de draad weer kan oppakken. Ik heb dit jaar door omstandigheden weinig kunnen laten zien, dat wil ik volgend jaar goedmaken."