PASTOOR HERMAN DE BEER 60 JAAR PRIESTER
'Maria Reginakerk was
mijn levenswerk'

,,Het blijft voor mij onbegrijpelijk waarom de gemeente de Maria Reginakerk gaat slopen op een moment dat de wijk volop in opbouw is. Dat is toch tegenstrijdig." Emeritus-pastoor Herman de Beer praat met veel liefde over zijn levenswerk. Tenslotte was hij het die in 1958 een nieuwe parochie in Selissen oprichtte en als bouwpastoor mede vorm aan de Maria-Reginakerk gaf. Ook de naam van de parochie heeft een persoonlijke betekenis voor hem. Geboren op de dag van Maria Ten Hemel Opneming – 15 augustus - heeft Maria altijd een speciale plaats in zijn leven gehad.
Op 25 juli is emeritus-pastoor De Beer zestig jaar priester; een mijlpaal die hij zondag 18 augustus samen met zijn 85ste verjaardag wil vieren met een plechtige heilige mis in de Maria Reginakerk. ,,Het zou mooi zijn als ik de eerste én de laatste eucharistieviering in de Maria Reginakerk mocht doen", klinkt het aarzelend. ,,Tenslotte is het toch een beetje mijn kerk en is ook de band met veel mensen uit die parochie altijd gebleven."
VITAAL
Pastoor De Beer oogt met zijn 84 jaar nog altijd fit en vitaal. Ook zijn dragende stem en zo herkenbare gulle lach zijn al die jaren onveranderd gebleven. Net als de manier waarop hij over zijn priesterschap spreekt en denkt. Hoewel de vorm en inhoud door alle maatschappelijke veranderingen anders zijn geworden, is het uitdragen van zijn ambt voor hem nog steeds hetzelfde. Pastorale zielzorg is in al die jaren een stukje van hem zelf geworden. ,,Ik heb heel wat veranderingen meegemaakt", verzucht hij als we op het terras achter zijn woning aan de Hendrik Verheeslaan op zestig jaar priesterschap terugkijken.
Hij heeft het over de oorlogsperiode die hij als priesterstudent en later ook als kapelaan in Mill meemaakte. Een zware tijd met goede herinneringen aan de inmiddels overleden professor Geboers uit Esch, die voor de priesterstudenten van destijds met gevaar voor eigen leven de boer op ging om eten bijeen te scharrelen. ,,Hij werd door de Duitsers zelfs gevangen genomen toen hij eieren meebracht en weigerde te vertellen waar hij die vandaan had."
De tijd van de wederopbouw beleefde De Beer intens in de Oisterwijkse Sint-Petrusparochie, waar hij elf jaar het gezicht van de kerk bepaalde en aan de wieg stond van heel wat jeugdverenigingen, zangkoren, toneelverenigingen en open luchtspelen. ,,Een fijne tijd had ik daar", glimlacht hij bij de herinnering. ,,Ik had eigenlijk helemaal geen zin in de opdracht van de bisschop om in Boxtel een nieuwe parochie te gaan stichten." Monseigneur Bekkers wist hem met zijn typische Brabantse hartelijkheid en vertrouwen te overtuigen en van die stap zou de jonge priester van destijds nooit spijt krijgen.
NIEUWE PAROCHIE
De nieuwe pastoor kende Boxtel amper. Niet verder dan het winderige station waar hij op de trein wachtte als hij van Mill naar zijn ouders in Tilburg reisde. Het was een hele klus om een nieuwe parochie te stichten, maar aan die tijd bewaart de pastoor dierbare herinneringen. ,,Prachtig was het. Zoals iedereen zich samen inzette voor die nieuwe kerk. Er kwamen koren, misdienaars en collectanten. Ook kinderen speelden een rol en kwamen hun spaargeld afdragen voor de nieuwe kerk."
De eerste jaren woonde de pastoor samen met zijn huisgenote Sjaantje Zwaans in een eengezinswoning aan de Sint-Severusstraat. De kerkdiensten werden gehouden in de Zonnehoekschool, waar elke zondag eensgezind de stoeltjes en banken klaar werden gezet. ,,Dat was toch zó gezellig en elke week weer tot op de laatste plaats bezet", weet de pastoor te vertellen.
Binnen twee jaar had de wijk Selissen een moderne kerk, die ontworpen was door architect Jan Strik en nogal tegenstrijdige reacties opriep. De een vond het gebouw met de lange toren afschuwelijk terwijl de ander juist de open ruimte, het contact met de buitenwereld en de opvallende dakconstructie roemde. ,,Ik heb het altijd een mooie kerk gevonden. Vriendelijk, licht en modern voor die tijd", vindt De Beer.
HEERLIJKE TIJD
De pastoor beleefde in de Maria Reginaparochie samen met Sjaantje en later ook haar zus Tonnie een 'heerlijke tijd'. ,,We hebben natuurlijk veel meegemaakt." Hij praat met plezier over de tijd van opbouw, de tijd waarin de kerk tot op de laatste plaats bezet was, de diensten die voortaan in het Nederlands werden opgedragen, de huisbezoeken, het biechthoren, de catechismuslessen die hij met veel plezier op de lagere school gaf en de toog met singel waaraan hij direct herkenbaar was.
Maar hij praat ook openhartig over de tijd van de terugloop van kerkbezoekers, zodat het kerkinterieur moest worden aangepast om toch een intieme sfeer te behouden, priesters die uittraden en de burgerkleding waaraan hij echt moest wennen. De lessen op school werden overgenomen door leken, net als meer taken binnen de kerk. ,,We moesten ons steeds aanpassen, maar die tendens zag je overal en dat heeft zich alleen maar voortgezet. Hij kijkt peinzend voor zich uit en denkt hardop: ,,Toch geloof ik niet dat de kerk zal verdwijnen. Anders wordt het wel, maar geloof is er nog steeds, ook bij de jeugd. Als je ziet dat ze in tijden van tegenslag en verdriet toch op dat geloof teruggrijpen, dan moet er toch een manier zijn om ze daarop aan te spreken. Alleen zou ik niet precies weten hoe."
Na 28 jaar verhuisde pastoor De Beer met Tonnie en Sjaantje naar zijn woning in de Hendrik Verheeslaan om plaats te maken voor zijn opvolger Harrie van den Tillaart. De dames Zwaans zijn het met hem eens als hij zegt dat dat een moeilijke overgang was. ,,Tenslotte kende je bijna iedereen in de wijk en woonden we toch zó fijn in de pastorie", knikt Sjaantje als ze zorgzaam een kopje thee inschenkt.
ZIELZORG
Zijn vertrek uit de Maria Reginaparochie betekende niet dat pastoor De Beer op zijn lauweren ging rusten. Al heel snel werd hij gevraagd de zielzorg van woon-zorgcentrum Emmaus op zich te nemen. ,,Daar heb ik meteen 'ja' op gezegd, want op die manier blijf je toch bezig en kun je als priester nog steeds iets voor mensen betekenen. Nee, als priester stop je eigenlijk nooit. Dat ben je voor je leven en het is fijn als je dat op deze manier kunt blijven uitdragen."
Vier keer per week is pastoor De Beer actief in Emmaus. Hij draagt er de heilige mis op en bezoekt de bewoners. ,,Veel kun je niet doen, maar je kunt wel tijd nemen om naar mensen te luisteren en er voor ze te zijn", knikt hij. Naast waarnemingen elders in Boxtel, Esch of Lennisheuvel verzorgt hij nog steeds speciale diensten, zoals uitvaarten. ,,Het is soms wel lang staan, maar lichamelijk kan ik dat toch nog goed", lacht hij.
Tijd voor ontspanning is er ook. Zo geniet hij met volle teugen van de groene vingers van Sjaantje, die van de tuin een 'aards paradijsje' heeft gemaakt, waar de fuchsia's in alle soorten en maten in volle bloei staan. En verder houdt hij samen met zijn huisgenoten van een fietstocht op zijn tijd en bespeelt hij zijn orgel, dat in een bescheiden hoekje van de kamer staat. ,,Ik doe het toch zó graag, maar niet dat ik er nou echt goed in ben", lacht de jubilaris bescheiden.
Het zestigjarig priesterfeest wordt zondag 18 augustus om 11.00 uur gevierd met een plechtige eucharistieviering in de Maria Reginakerk. Emeritus-pastoor De Beer gaat zelf voor in de dienst en wordt bijgestaan door tien concelebranten. Na afloop van de viering wordt in de kerk een ongedwongen receptie gehouden en kan iedereen de diamanten jubilaris persoonlijk feliciteren.