INTERNATIONAAL PROJECT MOET RELATIE VERBETEREN

Waterschap zoekt samenwerking met België

Een internationaal waterproject in het stroomgebied van de Dommel zal de samenwerking tussen de Nederlandse en Belgische autoriteiten de komende jaren aanzienlijk verbeteren. Dat is de verwachting van watergraaf Ad Segers. Het project beoogt water langer vast te houden in de bovenloop van de Dommel. ,,Het mooiste zou zijn als er een internationaal waterschap voor het stroomgebied van de Dommel zou komen. In elk geval moeten we tot samenwerking met de Belgen komen. Zo leren we elkaar beter kennen", aldus Segers.

De contacten tussen Waterschap De Dommel en de waterbeheerders in Vlaanderen zijn momenteel gering. Als er al sprake is van contact, dan gaat het over de vervuiling van de Dommel. Die is, zo benadrukte watergraaf Segers deze week, aan banden gelegd. Mede dankzij Europese regelgeving worden aanmerkelijk minder zware metalen in de Dommel geloosd. ,,Maar er zitten nog heel veel metalen in de bodem die door uitloging in de Dommel terechtkomen en worden meegevoerd. Ieder jaar stroomt er op die manier duizend kilo cadmium de grens over."

Segers vindt dat België 'uit oogpunt van goed nabuurschap' een zand- en slibvanger in de Dommel moet aanbrengen. Door de Dommel plaatselijk te verbreden kan de stroomsnelheid van het water verlaagd worden en zal het cadmium bezinken. ,,Door regelmatig te saneren kan het vervuilde slib afgevoerd worden en voorkom je dat het verder stroomafwaarts terechtkomt", stelt de watergraaf.

ONDIEPE SLOTEN
Het project waarmee Waterschap De Dommel de samenwerking met België wil intensiveren gaat over waterbeheer. Samen met andere waterschappen in Noord-Brabant en Limburg, Brabantse en Limburgse boerenorganisaties en beide provincies wordt gewerkt aan een project dat verdroging moet tegengaan en de snelle afvoer van water moet stoppen.

Het project is een vervolg op een eerder Nederlands-Belgisch initiatief dat zich voornamelijk richtte op de landbouw. Door in totaal 430 kleine stuwen te plaatsen in watergangen in het stroomgebied van Waterschap De Dommel kan de snelle afvoer van water worden tegengegaan. In een agrarisch gebied van in totaal 2.150 hectaren zijn daarmee maatregelen genomen tegen verdroging.

Het project waaraan het waterschap thans werkt gaat veel verder. Segers: ,,In het eerste project werd vooral water vastgehouden in landbouwgebieden. Nu komen ook natuurgebieden aan de beurt." De maatregelen bestaan naast het plaatsen van stuwen voornamelijk uit het ondieper maken van sloten. ,,Doordat sloten ondieper zijn, wordt de ontwateringsbasis ondieper en wordt water minder snel afgevoerd", verduidelijkt de watergraaf. In totaal zullen binnen het stroomgebied van het waterschap 220 van dit soort werkzaamheden worden uitgevoerd.

Segers verwacht veel van de samenwerking met België. Hij vindt dat de Belgische autoriteiten een rol moeten spelen in het plan. ,,Het stroomgebied van de Dommel omvat 180.000 hectaren. In totaal 30.000 hectaren liggen op Belgisch grondgebied. Daarom moeten we samenwerking creëren. Het oprichten van een internationaal waterschap is wettelijk gezien niet mogelijk, maar er zou wel een overlegstructuur moeten komen die op een waterschap lijkt."

MEANDERS
Naast het ondieper maken van sloten denkt Segers ook aan een toenemende meandering van riviertjes en beekjes. Door meandering worden waterlopen aanmerkelijk langer en blijft water dus langer voor het gebied behouden. ,,Meanders zijn esthetisch fraai, maar het gaat in hoofdzaak om het langer maken van riviertjes."

Hét voorbeeldproject van meandering is de reconstructie van de Beerze tussen Boxtel en Spoordonk. Tussen de watermolen van Spoordonk en de Logtsebaan is de kaarsrechte Beerze veranderd in een speelse rivier. Agrarische gronden zijn omgetoverd in natuurlijke zones waar steeds meer nieuwe flora en fauna opduiken. In perioden van veel regenval kan in het gebied rond de Viermannekesbrug veel water gebufferd worden.

Watergraaf Segers stelt nadrukkelijk dat er op dit moment nog onvoldoende mogelijkheden zijn om water in perioden van langdurige regenval op te vangen. In de periode tot 2050 zullen, zo verwacht hij, 11.000 hectaren nodig zijn om overtollig water te bergen. Op dit moment kunnen hooguit 3.000 hectaren onder water gezet worden. Daaronder is het gebied aan de Logtsebaan en het Bossche Broek, dat nadrukkelijk in beeld was tijdens de wateroverlast in 1995.




1 november 2001

Terug