THIJS DE LA COURT HOUDT BOXTEL SPIEGEL VOOR
Kritiek op duurzaamheidsbeleid
komt hard aan

Duurzaamheidsdeskundige Thijs de la Court heeft de euforie rond de tweede plaats van Boxtel bij de landelijke 'Duurzaamheidsspiegel' van de Nationale Commissie voor Duurzame Ontwikkeling (NCDO) enigszins getemperd. Tijdens een bijeenkomst van de werkgroep Lokale Agenda 21, die woensdag 31 oktober plaatsvond in de raadzaal van het gemeentehuis en bedoeld was om de visie op een duurzaam Boxtel aan te scherpen, zei hij dat er op het gebied van duurzaamheid nog veel werk aan de winkel is voor de gemeente. Burgemeester Jan van Homelen was verbolgen over de opmerkingen van De la Court. ,,Toen ik onlangs de krant opensloeg, dacht ik dat u het over een andere gemeente had."
Het abstracte begrip duurzaamheid kan nog niet op veel enthousiasme rekenen van de Boxtelse bevolking, zo bleek 31 oktober tijdens de bijeenkomst in de raadzaal. Slechts een handjevol bezoekers, voornamelijk bestaande uit bestuurders, politici en mensen uit het werkveld, hadden de moeite genomen om naar het gemeentehuis te komen. Dat terwijl er toch iets te vieren viel, want de bijeenkomst was speciaal belegd door de werkgroep Lokale Agenda 21 om te vieren dat Boxtel onlangs tweede werd bij de landelijke duurzaamheidsspiegel van de NCDO. ,,De opkomst valt helaas een beetje tegen", stelde Betsie van der Sloot van Lokale Agenda 21, die als voorzitter en gespreksleider fungeerde tijdens de bijeenkomst. Naast burgemeester Van Homelen en De La Court verzorgde Margreet Schaafsma, adjunct-directeur van de NCDO, een lezing.
KRITISCH
De directeur van het Centrum voor Internationale Samenwerking, het COS Noord-Holland-Noord en duurzaamheidsdeskundige Thijs de la Court was gevraagd om het duurzaamheidsbeleid in Boxtel kritisch te bekijken. Waar het activiteiten betreft om duurzaamheid te bevorderen, verdient Boxtel een pluim volgens De la Court.
,,De tweede plaats is een fantastisch resultaat voor een relatief kleine gemeente als Boxtel. Het ontbreekt in deze gemeente echter nog aan visie en resultaat. Het beleid is goed, maar er zijn weinig meetinstrumenten om te kijken wat de concrete resultaten zijn van dat beleid. Doelstellingen kunnen niet worden gehaald als ze er niet zijn, waardoor je niet kunt meten of er vooruitgang is geboekt ten opzichte van het verleden. Zo weet de gemeente niet hoeveel autokilometers haar inwoners nu afleggen en ook niet hoeveel mensen met de auto naar hun werk gaan. Daardoor kun je natuurlijk niet beoordelen of het beleid dat een gemeente voert om het aantal kilometers terug te brengen resultaat heeft", stelde De la Court, die meer kritische noten op zijn zang had.
,,Er is geen Gemeentelijke Interne Milieuzorg, die er voor moet zorgen dat het huishouden van de gemeente goed loopt en de energie- en afvalstromen in kaart brengt. Boxtel werkt ook niet met het zogeheten Energie Prestatie Advies (EPA). De gemeente lijkt zich bovendien vooral op het milieu te richten, maar duurzaamheid heeft ook te maken met sociaal beleid. Daar schort het aan in Boxtel; er is niets eens emancipatiebeleid, gehandicaptenbeleid of beleid voor illegale vluchtelingen. Er is veel aandacht voor milieu en groen, maar laat de gemeente de zwakkeren soms zitten?"
VOETAFDRUK
De la Court liet ook weten dat Boxtel op grote voet leeft, wat blijkt uit de Canadese rekenmethode de 'Mondiale Voetafdruk'. Hiermee wordt het ruimte- en energiegebruik gemeten. Iedere persoon op aarde neemt een deel van de (beperkte) ruimte in beslag. Hoeveel ruimte hangt af van iemands consumptiepatroon. Met de Mondiale Voetafdruk is te zien hoeveel oppervlakte per persoon dat is. De voetafdruk wordt uitgedrukt in hectaren. Boxtel komt er in het rekenmodel met 4,8 hectare niet bepaald goed van af. Dat aantal zou teruggeschroefd moeten worden naar 1,7 hectare.
,,De voetafdruk toont aan dat Boxtel zich nog moet verbeteren", aldus De la Court. ,,Je zou als gemeente de burgers bijvoorbeeld kunnen stimuleren om in volkstuintjes of achtertuintjes geen gif te gebruiken. Daarnaast zou je alle nieuwbouw duurzaam kunnen maken. Veel gemeenten doen aan duurzaam bouwen, maar daarbij kun je de vraag stellen hoe bijvoorbeeld een duurzame wijk zich verhoudt tot bouw die niet duurzaam is."
De la Court liet weten met zijn opmerkingen een discussie op gang te willen brengen. ,,Mijn opmerkingen zijn niet zozeer bedoeld als kritiek, maar meer als gespreksstof."
PUBLICATIE
Na afloop van zijn betoog overhandigde hij een nieuwe publicatie met de titel 'Naar een grenzeloos duurzame gemeente' aan burgemeester Jan van Homelen, die op 8 november in Den Haag formeel aangeboden wordt aan de Nederlandse Vereniging van Gemeenten. De ondertitel luidt 'Externe integratie van duurzame ontwikkeling aan de hand van de mondiale voetafdruk'. Het stuk handelt over een goede verdeling van de verantwoordelijkheid voor duurzaamheid binnen de gemeentelijke organisatie. Met de voetafdruk wordt duidelijk dat duurzaamheid voor alle afdelingen van belang is en dus voor elke wethouder. Het gaat om een onlangs verschenen publicatie van het landelijk proefproject met de mondiale voetafdruk van acht Nederlandse gemeenten, een project dat gecoördineerd wordt door De Kleine Aarde in Boxtel.
Burgemeester Van Homelen reageerde nadat hij de publicatie in ontvangst genomen had, verontwaardigd op de opmerkingen van De la Court. ,,Toen ik onlangs de krant opensloeg en uw visie over Boxtel las, dacht ik dat u het over een andere gemeente had. U zegt dat Boxtel geen Gemeentelijke Interne Milieuzorg heeft, maar wij hanteren toch wel degelijk gemeentelijke zorgsystemen voor de gemeente, de nieuwe brandweerkazerne en de gemeentewerf. Daarnaast werken we heel bewust met EPA-adviezen. Wij geven geld om die adviezen uit te laten voeren. U stelt ook dat de voetafdruk in deze gemeente te hoog ligt, maar hoe heeft u dat eigenlijk gemeten?", toonde Van Homelen zich niet onder de indruk van deze kanttekening door De la Court.
,,Het sociaal-culterele aspect krijgt veel aandacht, zo hebben we de uitgangspunten hiervoor onlangs nog vastgelegd in de toekomstvisies 'Boxtel Boeit' en 'Boxtel Bloeit'. Hierin wordt veel aandacht besteed aan onderwerpen als armoede en sociale samenhang. Wij zijn absoluut bezig met aspecten van duurzaamheid, niet alleen voor economische en ecologische doeleinden, maar ook voor de samenleving."
Wethouder Ger van den Oetelaar voegde daaraan toe dat Boxtel vooral wil doen in plaats van het ontwikkelen van allerlei meetinstrumenten en modellen. ,,We willen eerst wat laten zien aan de burgers. Dat meetinstrumenten ontbreken, kan daarom op mijn conto geschreven worden. In Boxtel zijn er best zaken die voor verbetering vatbaar zijn. Daarom gaan we bekijken of Boxtel en Breda (de winnaar van de duurzaamheidsspiegel, red.) iets voor elkaar kunnen betekenen en van elkaar kunnen leren."